Er is weer een Amerikaanse shutdown, en opnieuw dacht iedereen: “Dit keer is het gedaan met Trump.”
Alleen blijkt het tegenovergestelde waar. Terwijl ambtenaren onbetaald thuis zitten en CNN zijn beste ‘Trump is Hitler’-stem oefent, stijgt Trumps populariteit.
Jawel, omhoog. De man die zogezegd het land in chaos stort, stort enkel stront in AI-filmpjes over zijn tegenstanders. Onverwacht krijgt hij plots extra duimen omhoog van zijn achterban. Alsof de meeste Amerikanen doorheen kijken door het constante gebash van de mainstreammedia tegen hun president.
Tijdens de eerste shutdown, jaren geleden, kreeg Trump de schuld en zakte zijn score. Nu niet. Nu lijkt de gemiddelde Amerikaan eerder moe van het constante morele vingertje.
De slogans “No Kings” en “Trump is a dictator” klinken als oude hits die te vaak op repeat staan. Mensen luisteren niet meer. Ze zien iemand die tenminste lijkt te doen wat hij zegt en dat is in de politiek al zeldzamer dan een werkende printer op het gemeentehuis.
En bij CNN? Daar draait de nieuwsmolen in overdrive. Presentatoren zweten harder dan de teleprompter, en de kijkcijfers zakken sneller dan het gehoor van een Leuvense burgemeester.
Terwijl de zender nog eens probeert uit te leggen waarom Trump toch echt de boosdoener is, kijkt hij ontspannen toe en tikt op Truth Social: “Winning.”
En voor één keer, al zal het pijn doen om toe te geven voor CNN, lijkt hij dat gewoon te zijn.