Een kleine groente- en fruitwinkel in het Nieuw-Zeelandse Christchurch heeft onverwacht een nieuwe toeristische attractie gevonden.
Geen exotisch dier, geen beroemdheid en zelfs geen loterijwinnaar, maar een appel. Niet zomaar een appel welteverstaan, maar een zeldzaam exemplaar dat perfect in twee helften verdeeld is. De ene helft is rood, de andere geel.
Het resultaat lijkt verdacht veel op een Photoshop-project van iemand die zich verveelde tijdens de lunchpauze, maar het fruit blijkt volledig echt te zijn.
Volgens experts gaat het om een zogenaamde chimera-appel, een uiterst zeldzame genetische mutatie waarbij twee verschillende genetische eigenschappen in één vrucht samenkomen. De winkeluitbaters, die al tientallen jaren in de sector actief zijn, zeggen nog nooit zoiets te hebben gezien.
De appel werd toevallig ontdekt tussen een levering gewone Braeburn-appels en groeide in enkele dagen uit tot een lokale beroemdheid. Sommige bezoekers kwamen speciaal langs om foto's te maken, terwijl anderen de appel zelfs wilden aanraken voor geluk. Wat waarschijnlijk nog altijd hygiënischer is dan een gemiddelde deurklink.
De grote vraag is nu wat er met de appel moet gebeuren. De houdbaarheidsdatum komt stilaan in zicht en de winkel twijfelt tussen conserveren of opensnijden om te zien hoe de binnenkant eruitziet. Dat laatste lijkt ons de logische keuze. Tenslotte hebben we als mensheid al duizenden jaren appels gegeten zonder er selfies mee te nemen.
Het zou zonde zijn als deze zeldzame vrucht eindigt als een verschrompelde museumstuk terwijl heel Christchurch zich blijft afvragen of hij vanbinnen ook half rood en half geel is.