Vissen of niet vissen? Dat is zelfs geen vraag.
Echte vissers hebben iets weg van marathonlopers met een hengel. Regen, wind, vrieskou of een zon die zelfs de eenden doet zweten: ze zitten er. Urenlang. Turend naar een dobber die zich gedraagt alsof hij in staking is.
Want een visser gaat niet vissen om vis te vangen. Dat zou veel te logisch zijn. Nee, een visser gaat vissen om te kunnen zeggen dat hij is gaan vissen. En als hij met lege handen thuiskomt? Dan was het "toch een prachtige dag aan het water".
Raar? Misschien. Maar de grootste vangst van de gemiddelde visser blijft nog altijd het verhaal dat hij er achteraf over vertelt.