Gianni Infantino heeft weer een nieuw idee uit de FIFA-koker getoverd: een WK met maar liefst 64 landen. Volgens de FIFA-voorzitter moet “de hele wereld kunnen dromen van deelname” en mag het grootste voetbaltoernooi ter wereld niet langer een feestje blijven voor Europa en Zuid-Amerika.
Het WK van 2026 in de Verenigde Staten, Canada en Mexico is al uitgebreid van 32 naar 48 deelnemers. Een beslissing die Infantino nu al een “enorm succes” noemt. De FIFA-baas ziet vooral bewijs dat landen buiten de traditionele voetbalelite zich steeds verder ontwikkelen.
“De kwaliteit van de teams wordt wereldwijd steeds hoger”, zegt Infantino. En dus ligt volgens hem een volgende stap voor de hand: 64 landen op het WK.
Meer voetbal of een overvolle voetbalmachine?
Een WK met 64 deelnemers betekent een gigantisch toernooi met 128 wedstrijden. Nog meer reisdagen, nog meer belasting voor spelers en nog meer druk op de kalender die nu al overvol zit.
Critici vragen zich af of het WK nog wel het exclusieve topniveau behoudt als bijna een derde van de FIFA-leden mag deelnemen. Want hoe groter het deelnemersveld, hoe groter ook het risico op wedstrijden zonder echte sportieve spanning.
Maar voor Infantino lijkt de uitbreiding vooral een politieke jackpot. Meer landen betekent meer FIFA-leden die zich gehoord voelen, meer stemmen en meer steun binnen de internationale voetbalpolitiek.
Afrika als bewijsstuk
Om zijn plannen kracht bij te zetten, wijst Infantino naar Afrika. Negen van de tien Afrikaanse landen bereikten dit WK de knock-outfase, tegenover vijf op het WK van 2022.
Een indrukwekkend cijfer, maar er zit een opvallend detail aan dat Infantino liever niet benadrukt: het huidige WK heeft simpelweg veel meer deelnemers dan vier jaar geleden. Met 48 landen is de kans om door te stoten automatisch groter.
Toch gebruikt de FIFA-voorzitter de cijfers graag als bewijs dat zijn strategie werkt. Voor hem is elk succesverhaal van een nieuw voetballand een argument voor nog meer uitbreiding.
De timing roept vragen op
De plannen komen op een opvallend moment. In 2027 staan nieuwe FIFA-verkiezingen gepland en Infantino gaat op voor een vierde ambtstermijn. Een tegenkandidaat heeft zich nog niet gemeld, maar zijn positie is minder onaantastbaar dan vroeger.
Vooral de veelbesproken zaak rond de Amerikaanse spits Folarin Balogun zorgde voor ophef. Zijn rode kaart werd kwijtgescholden nadat er contact was geweest tussen de Amerikaanse president Donald Trump en Infantino. Volgens de Britse krant ‘The Times’ bracht die situatie enkele Europese voetbalbonden aan het twijfelen over hun steun aan de FIFA-baas.
Ondanks de kritiek lijkt Infantino voorlopig vast te houden aan zijn visie: een WK dat toegankelijker wordt voor steeds meer landen en continenten.