De banken zwemmen in je spaargeld, betalen je een fooi voor de moeite, en weten heel goed dat je te moe bent om te verhuizen.
KBC boekte in zes maanden 1,7 miljard euro winst. Belfius en ING pakten uit met vette cijfers. En jouw spaarboekje? Dat levert 0,6 procent op — net genoeg om je te laten geloven dat je iets krijgt. Een verhaal over hoe de trouwste klant het slechtst behandeld wordt.
Er is een oude wijsheid in de bankwereld, en ze wordt zelden hardop gezegd: de beste klant is de klant die niets doet. Die zijn loon laat binnenkomen, zijn facturen laat afgaan, zijn spaargeld laat staan, en verder niets vraagt. Die klant is goud waard. Niet omdat hij veel oplevert, maar omdat hij niets kost.
En jij, beste lezer, bent waarschijnlijk precies die klant.
Vorige week presenteerde KBC zijn halfjaarcijfers. CEO Johan Thijs mocht een winst van 1,7 miljard euro aankondigen, ruim 9 procent meer dan een jaar eerder. Belfius ging bijna 10 procent vooruit. Bij ING België klom de winst vóór belastingen met bijna 29 procent. De Belgische grootbanken beleven, om het zacht uit te drukken, gouden tijden.
En op datzelfde moment staat jouw geld op een spaarrekening 0,6 procent te verdienen. Getrouwheidspremie inbegrepen. Laat dat getal even bezinken, want het is de kern van dit hele verhaal.
Wat 0,6 procent echt betekent
Cijfers worden pas echt als je ze omzet naar euro's. Dus doen we dat.
Stel: je hebt 50.000 euro op je spaarrekening bij KBC of Belfius, netjes bijeengespaard over de jaren. Aan 0,6 procent levert dat je na een jaar 300 euro bruto op. Driehonderd euro. Op vijftigduizend. Dat is zes euro per duizend euro dat je hen toevertrouwt.
En diezelfde bank leent dat geld uit, belegt het, of parkeert het gewoon bij de Europese Centrale Bank — waarover straks meer — en verdient er een veelvoud op. Het verschil tussen wat zij ermee verdienen en wat ze jou geven, dat is hun marge. En die marge is momenteel, in de woorden van een econoom die we zo citeren, comfortabel. Bijzonder comfortabel.
Jij draagt het risico van de inflatie. Zij dragen de winst naar huis.
De goochelaarstruc met de twee rentes
Nu zal je zeggen: maar ik zie toch overal reclame voor spaarrekeningen aan 3 procent? Klopt. En hier wordt het geniepig, want hier zit de truc.
Diezelfde grootbanken die jou 0,6 procent geven op je gewone boekje, afficheren elders rentes van rond de 3 procent. KBC verhoogde begin augustus zijn Start2Save-rekening naar 3,15 procent — de hoogste van het land. Belfius biedt 3,10 procent op zijn Flow-rekening, ING evenveel op Tempo Sparen. Klinkt fantastisch.
Tot je de kleine lettertjes leest. Op die hoogrentende rekeningen mag je meestal hoogstens 500 of 600 euro per maand storten. Geen euro meer. Met andere woorden: die 3 procent geldt alleen voor nieuw spaargeld, mondjesmaat ingelegd. Voor de grote berg die al op je rekening staat — je echte spaarpot — geldt gewoon die schamele 0,6 procent.
Het is een schoolvoorbeeld van jongleren met de waarheid. De bank kan vrolijk beweren dat ze "tot 3,15 procent" biedt, en het is niet gelogen. Het geldt alleen voor een fractie van je geld, druppel per druppel. Voor de hoofdmoot verandert er niets. Voor de doorsnee spaarder blijft het percentage gering, en zie je nauwelijks concurrentie — hooguit wat beweging in de marge.
De marge. Onthou dat woord. Dat is precies waar ze je willen houden.
"De banken zwemmen erin"
Waarom doen ze dit? Het antwoord is even simpel als ontnuchterend: omdat het kan. Omdat ze jouw geld niet nodig hebben.
De banken zwemmen op dit moment in de deposito's. Mensen sparen eigenlijk te veel in verhouding tot de leningen die de banken moeten uitgeven. En als je al meer spaargeld hebt dan je kwijt kunt, waarom zou je dan vechten om nog meer binnen te halen? Waarom zou je een goede rente betalen voor iets waar je al in verzuipt?
Dat is de wet van vraag en aanbod, en ze speelt keihard in jouw nadeel. Zolang het geld massaal blijft staan waar het staat, heeft de bank geen enkele reden om er meer voor te betalen. En het geld blijft staan, want — en dit is het tweede mes in je rug — de spaarder beweegt niet.
Waarom jij niet verhuist (en zij daarop rekenen)
Je loon komt al jaren bij dezelfde bank binnen. Je hypotheek zit er. Je bankkaart, je domiciliëringen, je app waar je eindelijk aan gewend bent. De gedachte om dat allemaal te verhuizen voor een paar tienden van een procent — zucht!
En dat weet je bank. Sterker nog: daar rekent ze op. Jouw traagheid is haar businessmodel. Jouw trouw wordt niet beloond, ze wordt uitgebuit. Hoe langer je blijft zonder morren, hoe zekerder en goedkoper jouw spaargeld voor hen is. De ideale klant is de klant die te moe is om te vergelijken.
Het perverse is dus dit: net de mensen die het braafst sparen, die het meest vertrouwen, die het langst blijven — net zij krijgen de slechtste deal. Loyaliteit wordt in de bankwereld niet gehonoreerd. Ze wordt afgestraft.
Het detail dat de banken liever verzwijgen
En dan is er nog iets waar ze niet graag over praten. Waarom kunnen die banken plots wél iets meer bieden op die gelimiteerde rekeningen?
Omdat de Europese Centrale Bank onlangs de depositorente — de vergoeding die banken krijgen om hun overtollige spaargeld in Frankfurt te parkeren — heeft opgetrokken naar 2,25 procent. De banken krijgen dus zelf méér voor het geld dat ze niet uitlenen. Ze hebben meer ademruimte gekregen om hun spaarders te belonen.
Laazt het even bezinken. De banken krijgen 2,25 procent gewoon voor het stallen van geld dat jij hen bezorgt. En daarvan geven ze jou 0,6 procent terug. Het verschil steken ze op zak, voor de moeite van het doorschuiven. Jij levert de grondstof, zij innen de premie, en jij mag blij zijn met de kruimels.
Ze hadden je meer kunnen geven. Ze hebben de ruimte. Ze doen het niet, omdat je het toch blijft pikken.
Wat je wél kunt doen (zonder belegger te worden)
Genoeg geklaagd. Wat kun je eraan doen, zonder je spaargeld op de beurs te gooien of een financieel genie te worden? Meer dan je denkt, en het kost je één keer per jaar een half uurtje.
Je hoeft niet eens alles te verhuizen. Laat je zichtrekening, je bankkaart en je woonlening gewoon staan waar ze zitten. Alleen je spáárgeld hoeft niet op dezelfde plek te blijven. En daar valt winst te rapen.
Neem opnieuw die 50.000 euro. Bij je grootbank aan 0,6 procent: 300 euro per jaar. Bij Keytrade, dat ongeveer 1,9 procent biedt zónder maandelijkse stortingslimiet, wordt dat zowat 950 euro. Dat is 650 euro méér, per jaar, zonder ook maar één euro extra risico te nemen. MeDirect gaat met ruim 2 procent nog hoger, al kan daar maximaal 25.000 euro op staan. Het gaat om gereglementeerde Belgische spaarrekeningen, met dezelfde bescherming als je vertrouwde boekje. Alleen de naam op de gevel is anders.
Voor nieuw spaargeld ligt het omgekeerd: dáárvoor zijn die hoogrentende rekeningen van de grootbanken aan 3 procent net wél geschikt. Zet je maandelijks 500 euro opzij, laat dat dan automatisch naar zo'n rekening vloeien — dan bots je niet op de limiet en pluk je wél die hoge rente.
Eén waarschuwing, want gratis bestaat niet. Bij buitenlandse spelers als Revolut of Trade Republic lonkt soms een hogere brutorente, maar let op: die vallen niet altijd onder dezelfde fiscaliteit en bescherming. Trade Republic biedt bijvoorbeeld 2,25 procent, maar omdat het niet gereglementeerd is, betaal je er 30 procent roerende voorheffing op — netto hou je dan minder over dan bij een braaf Belgisch boekje. Een hoge brutorente zegt niets als je niet weet wat er netto overblijft.
De les van 2023 — en waarom ze het vergeten willen
Weet je wanneer de banken wél plots gul werden? In 2023, met de fameuze staatsbon. Herinner je het je nog? Die ene fiscaal vriendelijke eenjarige bon van de staat zoog in een paar weken bijna 22 miljard euro weg bij de banken.
En kijk wat er toen gebeurde. Plots, als bij toverslag, kwamen diezelfde banken die beweerden geen ruimte te hebben, met aantrekkelijkere kasbons en termijnrekeningen. Toen er miljarden dreigden weg te vloeien, bleek er ineens wél geld om de spaarder te belonen. De concurrentie die er "niet kon zijn", verscheen op één maand tijd.
De les is glashelder, en het is de enige die telt: banken bewegen alleen wanneer jij beweegt. Niet uit goedheid, niet uit dankbaarheid, alleen uit angst je geld te verliezen. Zolang het geld blijft plakken, blijft de rente laag. Zodra het begint te lopen, ontwaakt de vrijgevigheid.
De rekening naar het juiste adres
Zullen we eerlijk besluiten? De grootbanken doen niets illegaals. Ze buiten simpelweg een menselijke zwakte uit: onze traagheid, onze trouw, onze afkeer van gedoe. Dat is geen misdaad. Het is gewoon zaken doen met een klant die niet oplet.
Maar jij hoeft die klant niet te blijven.
Die 1,7 miljard winst van KBC is voor een stuk opgebouwd uit het verschil tussen wat ze met jouw spaargeld verdienen en de 0,6 procent die ze jou toewerpen. Elke spaarder die blijft zitten waar hij zit, betaalt mee aan dat feestje. En je bent niet uitgenodigd — je betaalt alleen de rekening.
Er bestaat geen sneller renderende financiële beslissing dan één keer per jaar nakijken of je spaargeld nog op de juiste plek staat. Geen beurs, geen risico, geen tussenpersoon. Alleen een half uur van je tijd tegen honderden euro's per jaar.
De bank rekent erop dat je het niet doet.
Bewijs haar ongelijk.
(Foto: P-magazine)