Autoconstructeurs vechten vandaag letterlijk om elke gram CO₂-uitstoot en elke tiende liter brandstofverbruik. Begrijpelijk, want de Europese regels zijn streng en wie de doelstellingen niet haalt, riskeert stevige boetes. Maar soms vraag je je als automobilist af: wordt mijn auto eigenlijk nog afgesteld voor míj, of vooral voor een laboratoriumtest? Die vraag stelde ik mezelf toen mijn voorbanden plots half zo lang meegingen als vroeger.
Een dure verrassing
Ondergetekende geeft meteen toe: tijdens onze vakantie in de Vogezen vorige week heb ik onze BMW 128ti niet altijd behandeld alsof hij onderweg was naar de bakker. Op een paar van die heerlijk bochtige bergwegen heb ik de paarden stevig in galop gejaagd. Daar ga ik niet flauw over doen. Maar zelfs als ik die sportieve kilometers meereken, klopt er iets niet.
Mijn eerste twee sets Michelin Pilot Sport 4 vooraan gingen telkens ongeveer 36.000 kilometer mee.
De huidige voorbanden? Die zijn na amper 15.000 kilometer einde verhaal. En twee nieuwe kosten toch weer zo'n 370 euro.
Dat verschil is te groot om zomaar af te doen als "een sportieve vakantie": de eerste twee sets kregen het bij momenten ook zwaar te verduren. Eentje daarvan heeft zelfs de Nordschleife meegemaakt. Je koopt nu eenmaal geen snelle hatchback om als een bejaarde bomma mee te rijden.
Wat is er veranderd? De auto is dezelfde gebleven. De banden zijn dezelfde gebleven. Michelin Pilot Sport 4. Mijn rijstijl is misschien een dagje enthousiaster geweest in de Vogezen, maar de overige 14.500 kilometer reed ik zoals altijd.
Er was eigenlijk maar één verschil. Tijdens onderhoudsbeurten zette BMW de bandendruk telkens opnieuw op 2,8 bar wanneer de banden koud waren. Zodra de banden op temperatuur kwamen, liep die druk op tot ongeveer 3,1 bar. “Omdat BMW dat zo voorschrijft.” Mijn vorige twee sets hield ik de druk altijd rond 2,3 à 2,4 bar. Ik had eigenlijk gevraagd om de boordcomputer aan te passen, zodat die wat minder snel van zijn gat zou maken, maar dat ging niet.
Waarom BMW de bandendruk op 2.8 bar zette? Brandstofverbruik. Een hogere bandendruk zorgt voor minder rolweerstand. Minder rolweerstand betekent een lager brandstofverbruik en dus ook een lagere officiële CO₂-uitstoot. Dat specifieke type werd gehommologeerd met zo veel bandendruk en daarmee basta.
Dat is vandaag belangrijker dan ooit. Autoconstructeurs worden immers afgerekend op hun gemiddelde uitstoot. Elke gram minder CO₂ kan op Europees niveau miljoenen euro's aan boetes schelen.
Alleen bleef ik met één vraag zitten. Hoeveel brandstof bespaar je daar eigenlijk mee? Dus vroeg ik het. BMW bevestigt dat een hogere bandendruk gunstig is voor het verbruik. Logisch. Maar op de vraag hoeveel je dan precies bespaart, kreeg ik geen concreet antwoord. Gaat het om een paar honderdsten van een liter? Dat moet haast wel zo zijn, want zelf merkte ik niet het minste verschil.
Ook Michelin geeft geen duidelijk antwoord op die vraag. Opvallend genoeg adviseert de bandenfabrikant voor maximale prestaties een bandendruk tussen 2,2 en 2,4 bar, voor deze specifieke band. Over een eventueel lager brandstofverbruik bij een hogere druk doet Michelin geen uitspraken.
En daar begon mijn nieuwsgierigheid pas echt. Mijn banden vertellen namelijk een ander verhaal Toen ik de voorbanden eens goed bekeek, viel iets op. De schouders van de banden zien er eigenlijk nog behoorlijk uit. Het midden? Dat is bijna een slick.
Dat patroon zie je wel vaker bij banden die langdurig met een relatief hoge druk rijden. Doordat de band boller staat, wordt het midden van het loopvlak sterker belast dan de buitenkanten.
Daarnaast had ik ook het gevoel dat de auto sneller grip verloor bij stevig optrekken. Meer wielspin betekent nu eenmaal ook meer slijtage.
Is dat wetenschappelijk bewezen in mijn geval? Nee. Maar het is wel een opvallende vaststelling wanneer twee identieke bandensets ongeveer 36.000 kilometer meegaan en een derde, onder andere omstandigheden, nauwelijks 15.000 kilometer haalt.
De rekensom
Stel nu even dat een hogere bandendruk inderdaad een klein beetje brandstof bespaart. Fantastisch. Maar hoeveel? Tien euro? Twintig euro? Dertig euro op 15.000 kilometer?
Als daar tegenover staat dat je 20.000 kilometer vroeger een nieuwe set voorbanden moet kopen, wordt de oefening plots een stuk minder evident.
Twee nieuwe Michelin Pilot Sport 4's in maatje 225/40 R18 kosten vandaag ongeveer 370 euro. Dat komt vandaag neer op 177 liter Super 98. Dat zou betekenen dat ik meer dan 1,2 liter per honderd kilometer minder zou moeten verbruiken met die hogere bandendruk, om op ‘break-even’ te zitten, wat bijlange niet het geval is. Ik zat ook met die derde set telkens rond de 8 liter per honderd kilometer, geen 6,8.
Niemand doet iets verkeerd - behalve die CO2-fetisjisten in Brussel dan
Voor alle duidelijkheid: dit is geen aanklacht tegen BMW. En al zeker niet tegen één specifiek merk. Integendeel.
Alle constructeurs staan vandaag onder enorme druk om auto's zo zuinig mogelijk te maken. Niet alleen BMW, maar de hele sector zoekt naar manieren om elke gram CO₂ en elke tiende liter brandstofverbruik naar beneden te krijgen. Hogere bandendruk is één van de hulpmiddelen die daarbij kunnen helpen.
De vraag is alleen of wat goed is voor een officiële verbruikstest automatisch ook de beste keuze is voor de automobilist die de rekening betaalt.
Want een constructeur kijkt in de eerste plaats naar de uitstoot van een nieuwe auto. Een eigenaar kijkt vooral naar de factuur van zijn volgende set banden.
Misschien is de ideale bandendruk wel een beetje zoals de officiële verbruikscijfers van auto's. Ze zijn perfect voor een gestandaardiseerde test, maar daarom niet noodzakelijk ideaal voor iedereen in het dagelijkse verkeer.
Misschien rijd jij probleemloos heel veel kilometers met de door de constructeur voorgeschreven druk en merk je nooit een verschil.
Maar één ding heeft deze ervaring me wel geleerd: de bandendruk is veel meer dan zomaar een cijfer op een sticker in de deurstijl. Het beïnvloedt niet alleen het verbruik, maar ook comfort, grip én mogelijk de levensduur van je banden.
En misschien moeten we ons in tijden waarin elke gram CO₂ heilig lijkt, af en toe ook eens de vraag durven stellen hoeveel die laatste paar gram de automobilist uiteindelijk écht kosten.
Wellicht zet ik mijn volgende set voorste sloefjes dus weer gewoon op 2,4 bar, nadat de concessiehouder ze opblaast tot pingpongballen. Niet omdat ik het beter weet dan BMW, maar omdat mijn portefeuille daar voorlopig meer vertrouwen in heeft.