Vanaf 2028 wordt elektriciteit goedkoper. Klinkt als goed nieuws, toch? Alleen is er een klein detail dat de Vlaamse regering er meteen bij vertelt: aardgas en stookolie worden duurder. Niet toevallig, maar heel bewust. De boodschap is duidelijk: wie vandaag nog op fossiele brandstoffen verwarmt, zal de komende jaren steeds meer betalen. De warmtepomp moet de norm worden.
Dat is de essentie van de hervorming die de Vlaamse regering vrijdag goedkeurde.
Geen belasting erbij... maar de rekening verschuift
Volgens minister van Energie Melissa Depraetere (Vooruit) wordt de elektriciteitsfactuur vanaf 2028 verlaagd doordat honderden miljoenen euro aan heffingen van elektriciteit naar aardgas en stookolie worden verschoven.
Concreet zou een gemiddeld gezin ongeveer 85 euro minder betalen voor elektriciteit, maar tegelijk ongeveer 85 euro extra voor aardgas. Dat vertelde ze aan HLN. Voor heel wat gezinnen verandert er dus op het einde van de rit weinig.
Alleen geldt dat lang niet voor iedereen.
De boodschap is duidelijk
De regering maakt er geen geheim van waarom ze dit doet.
Ze wil zoveel mogelijk Vlamingen richting een warmtepomp krijgen. Volgens de minister is dat vandaag financieel onvoldoende aantrekkelijk omdat elektriciteit zwaarder belast wordt dan fossiele brandstoffen.
Dat is op zich geen onlogische redenering. Een warmtepomp is technisch bijzonder efficiënt en haalt uit één kilowattuur elektriciteit meerdere kilowatturen warmte. Alleen werd dat voordeel jarenlang deels uitgehold doordat elektriciteit fiscaal veel zwaarder belast werd.
Die situatie wil Vlaanderen nu rechtzetten. Maar tegelijk wordt de stok boven gehaald voor wie géén warmtepomp heeft.
Niet iedereen kan zomaar overstappen
Daar wringt voor veel mensen het schoentje.
Wie vandaag een recente woning heeft, zonnepanelen op het dak, een warmtepomp in de garage en misschien zelfs een elektrische wagen, zal waarschijnlijk profiteren van de hervorming.
Maar wat met de gepensioneerde die al veertig jaar in hetzelfde huis woont?
Of de huurder van een slecht geïsoleerd appartement die onmogelijk zelf een warmtepomp kan laten plaatsen?
Of het jonge gezin dat al zijn spaargeld in de aankoop van een woning heeft gestoken en niet zomaar nog eens 15.000 à 25.000 euro kan investeren?
Voor hen wordt de keuze een stuk moeilijker.
De overheid kiest steeds nadrukkelijker
De hervorming staat bovendien niet op zichzelf.
Vanaf 2028 voert Europa ook ETS2 in, een systeem waardoor fossiele brandstoffen geleidelijk duurder zullen worden. Vlaanderen anticipeert daar nu al op door elektriciteit goedkoper en gas duurder te maken.
Met andere woorden: de overheid zegt niet letterlijk dat je een warmtepomp moet kopen.
Ze maakt het financieel gewoon steeds minder aantrekkelijk om géén warmtepomp te hebben.
Op papier eenvoudig, in de praktijk minder
Op papier klinkt het logisch. Elektriciteit goedkoper maken. Fossiele brandstoffen duurder maken. Zo versnel je de energietransitie. Alleen is de praktijk vaak minder zwart-wit.
Een warmtepomp werkt immers niet optimaal in elke woning. Oudere huizen moeten vaak eerst grondig geïsoleerd worden. Vaak moeten ook radiatoren vervangen worden en is een zwaardere elektrische aansluiting nodig.
Voor heel wat gezinnen loopt de totale investering daardoor al snel op tot tienduizenden euro's.
Dat is geld dat lang niet iedereen zomaar op tafel kan leggen.
Een klimaatbeleid of een koopkrachtverhaal?
De regering benadrukt dat deze hervorming zowel goed is voor ‘het klimaat’ als voor de koopkracht.
Critici zullen daar tegenover stellen dat de koopkracht vooral stijgt voor wie zich de investering in een warmtepomp kan veroorloven.
Voor de rest blijft vooral één boodschap hangen.
Niet omdat de regering het letterlijk zegt, maar omdat de financiële prikkels steeds duidelijker worden.
Wie de komende jaren op aardgas of stookolie blijft verwarmen, zal dat steeds nadrukkelijker in zijn portemonnee voelen.
De keuze blijft officieel vrij. Alleen wordt ze elk jaar een beetje minder vrijblijvend.