Greta Thunberg zou wel eens gelijk kunnen hebben: "Om allerlei dingen ‘groen te wassen."
Van 6 tot en met 18 vindt in het Egyptische Sharm-el-Sheikh de 27e conferentie van de Verenigde Naties over klimaatverandering (COP27) plaats. Het Egyptische voorzitterschap heeft 4 doelen gesteld:
- mitigatie: uitvoering van het pact van Glasgow, aangepaste ambitie voor NDC's
- aanpassing: vooruitgang met de mondiale doelstelling inzake aanpassing, aanpassing als centrale as van de wereldwijde actie
- financiering: follow-up van de bestaande toezeggingen en beloftes, vorderingen bij het verstrekken van de jaarlijkse 100 miljard dollar
- samenwerking: tussen regeringen, de private sector en het maatschappelijk middenveld
Greta Thunberg zal er niet bijzin in de schaduw van piramides. “Er zijn veel redenen waarom ik niet naar Egypte ga”, zei Thunberg bij een boekvoorstelling in Londen. “Die klimaattoppen worden vooral gebruikt door leiders en machthebbers om aandacht te krijgen, om in de spotlights te staan. Of om allerlei dingen ‘groen te wassen’.
Ze zou wel eens overschot van gelijk kunnen hebben. Ons land heeft deelnemerslijst van maar liefst 125 deelnemers. En dat is zonder federaal minister voor Ontwikkelingshulp Meryame Kitir (Vooruit) en Vlaams klimaatminister Zuhal Demir (N-VA). Die lieten vorige week al weten dat ze niet naar Egypte zouden reizen.
De omvangrijke lijst wordt gevuld door verschillende ministers uit de federale en Waalse regering, die een vijftigtal kabinetsmedewerkers en ambtenaren mee naar het zonnige Egypte meenemen. Er zullen ook nog eens een tiental volksvertegenwoordigers uit de federale en regionale parlementen afreizen. Vakbonden, werkgevers, Oxfam, Greenpeace en 11.11.11 sturen hun mannetjes/vrouwtjes om te lobbyen wanneer onze politici hun ambities op papier zetten.
Of het allemaal veel zal opleveren, valt te betwijfelen. België mag nauwelijks in de klimaatpap roeren, want het is de Europese Unie die in onze naam de toponderhandelingen voert.
Regerings- en parlementsleden én hun adviseurs kunnen doorgaans reizen met een officiële regeringsvlucht. Maar niet iedereen neemt deel aan de volledige conferentie die twee weken duurt. Niet iedereen gaat dus op en af met hetzelfde vliegtuig. De ngo’s reizen in principe apart en betalen hun eigen vliegtuigticket en verblijf ter plekke.