Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Eerst snijden ze in de musea. Nu komen de kunstenaars op straat

Redactie - 06-10-2026

De Vlaamse regering haalt vanaf 2027 tientallen miljoenen uit cultuur. Bovenlokale musea verliezen dertig procent van hun subsidies, Bozar krijgt geen euro Vlaamse steun meer en het M HKA zit midden in een onzekere hervorming. Intussen beginnen kunstenaars, galeries en museumprofessionals terug te vechten. Op 4 oktober kwam Museum at Risk in Antwerpen op straat. Dit is geen gewone subsidieronde meer: de Vlaamse museumwereld begint zich af te vragen welke musea Vlaanderen eigenlijk nog wil.   

Er zijn tijden waarin een museum vooral bezig is met tentoonstellingen, collecties en bezoekers. En er zijn tijden waarin museumdirecteurs plots advocaten nodig hebben.

Die tweede categorie is momenteel aan de beurt. Op zondag 4 oktober kwamen in Antwerpen ongeveer vijftig kunstenaars en mensen uit de beeldende kunst samen voor een spontane actie tegen de Vlaamse cultuurbesparingen. Onder de naam Museum at Risk richtten ze hun pijlen vooral op de toekomst van het M HKA, maar hun protest gaat veel verder dan één museum. De actievoerders vrezen dat de Vlaamse hervorming van het museumlandschap de internationale positie van de Vlaamse beeldende kunst aantast.

Dat protest komt er op een moment waarop de Vlaamse regering voor 2027 in totaal ongeveer 47 miljoen euro besparingen binnen het beleidsdomein Cultuur voorziet. Volgens belangenorganisatie oKo wordt onder meer 2,3 miljoen euro bespaard op bovenlokale musea, 6,5 miljoen op landelijke en bovenlokale archiefinstellingen en 2,6 miljoen op erfgoedcellen. Ook een aantal subsidies op naam verdwijnt volledig. 

Bozar verliest 762.000 euro

Het nieuws dat de voorbije dagen misschien wel het meest tot de verbeelding spreekt, komt uit Brussel. Bozar verliest vanaf 2027 zijn volledige Vlaamse subsidie van 762.000 euro. Dat bedrag staat in de Vlaamse begrotingsdocumenten voor 2026 als subsidie voor Bozar vermeld; in 2025 bedroeg die steun nog 964.000 euro.
Voor alle duidelijkheid: Bozar is een federale culturele instelling en de Vlaamse bijdrage is geen algemene werkingssubsidie. Vlaanderen financiert er projectmatige samenwerking rond onder meer muziek, beeldende kunst, cultureel erfgoed, architectuur, fotografie, design, podiumkunsten, literatuur en educatie. De Vlaamse steun mag volgens de Vlaamse overheid uitsluitend voor die projecten worden gebruikt en niet voor de algemene werking van Bozar.

De Vlaamse regering haalt dus geen geld weg uit een Vlaams museum in Antwerpen of Gent, maar uit een federale instelling in Brussel die een belangrijk podium vormt voor Vlaamse kunstenaars en organisaties.

Bozar-directeur Christophe Slagmuylder reageerde aangeslagen. Tegen BRUZZ zei hij: “Ik weet niet hoe we deze kwaliteit nog kunnen bieden.” De beslissing kwam bovendien uitgerekend in de week waarin Bozar de tentoonstelling rond Jean Brusselmans opende, een project waarvoor het samenwerkt met Vlaamse musea en waarvoor Vlaamse topstukken naar Brussel kwamen. 

Vlaanderen betaalt niet meer mee aan zijn eigen etalage in Brussel

Bozar is voor Vlaanderen al decennialang een belangrijke internationale vitrine. Vlaamse kunstenaars, musea, orkesten en culturele instellingen werken er samen met buitenlandse kunstenaars en instellingen. In de Vlaamse begroting wordt de subsidie dan ook expliciet omschreven als onderdeel van het internationaal cultuurbeleid.

Vanaf 2027 valt die structurele projectsteun weg. De Vlaamse regering zegt tegelijk dat de hervorming van de musea de sector moet versterken en dat Vlaanderen internationaal zichtbaar moet blijven. Begrijpe wie begrijpen kan. Voor de hervorming van de Vlaamse musea voorziet de regering ongeveer 38,5 miljoen euro per jaar voor de periode 2026-2029.

De twee bewegingen bestaan dus naast elkaar: Vlaanderen investeert in een nieuwe museumstructuur en schrapt tegelijk bepaalde bestaande culturele verbindingen. 

M HKA: 7,4 miljoen, maar vooral veel onzekerheid

Ook in Antwerpen is het verhaal ingewikkeld. Het M HKA krijgt vanaf 2027 volgens het plan van de Vlaamse regering een jaarlijkse werkingssubsidie van 7,4 miljoen euro, 290.000 euro minder dan voordien. Daarnaast komt er maximaal 950.000 euro transitiebudget om de hervorming vorm te geven. Het Centrum Kunstarchieven Vlaanderen, dat aan het M HKA verbonden is, krijgt 590.000 euro.
Op papier lijkt dat dus geen museum dat wordt drooggelegd. Maar het probleem zit elders: wat wordt het M HKA daarna?

De Vlaamse regering wil tegen 2028 naar een zogenaamde M HKA 2.0. Het museum moet zich in een transitietraject heruitvinden en een nieuw beleidsplan opstellen. Tegelijk werd de geplande nieuwbouw van 130 miljoen euro geschrapt. Museum at Risk stelt dat de toekomst van het museumstatuut na 2028 daardoor onzeker blijft.
Dat conflict is inmiddels juridisch geworden. Zeven Antwerpse galeries, Team Zuid en Museum at Risk hebben de Vlaamse Gemeenschap voor de rechter gedaagd over de toekomst van het M HKA. De zaak wordt volgens Museum at Risk op 26 mei 2027 behandeld. De museumwereld begint zich dus ook juridisch tegen het beleid te verzetten. 

Dertig procent minder

De grootste besparingen zitten bovendien niet noodzakelijk bij de instellingen waar de grootste bedragen circuleren. De bovenlokale musea verliezen vanaf 2027 ongeveer 30 procent van hun Vlaamse middelen, samen goed voor 2,3 miljoen euro. Daar zitten onder meer het Museum Mayer van den Bergh in Antwerpen, het Huis van Alijn in Gent en het Speelgoedmuseum in Mechelen bij.

Voor een museum klinkt dertig procent op papier misschien als een begrotingspercentage. In de praktijk betekent het minder tentoonstellingen, minder personeel, minder publiekswerking of minder ruimte om nieuwe projecten op te zetten.

Een museum kan niet zomaar dertig procent van een collectie in de kast laten en daarmee klaar zijn. 

De kunstenaars komen uit hun atelier

Museum at Risk vraagt dan ook niet alleen meer subsidies. De beweging wil dat Antwerpen een volwaardig museum voor hedendaagse kunst behoudt, dat zo'n museum een collectie kan uitbouwen en over aangepaste infrastructuur en financiering beschikt. Ook moet de museumsector volgens de beweging inspraak krijgen in de hervorming.

Het protest van 4 oktober was vooral opvallend omdat de beeldende kunstwereld doorgaans niet bekendstaat om haar straatmobilisatie. Kunstenaars zitten liever in hun atelier, curatoren schrijven teksten en museumdirecteurs geven interviews waarin ze zorgvuldig elk woord wegen.

De spontane actie bracht ongeveer vijftig mensen samen. Niet meteen een massa die Antwerpen platlegt, maar wel een signaal uit een sector die beseft dat afwachten weinig zal veranderen.

En de onrust reikt verder dan de musea. Overleg Kunsten wijst erop dat de besparingen in verschillende delen van het culturele ecosysteem samen oplopen tot ongeveer 47 miljoen euro. Naast musea worden ook archieven, erfgoedbibliotheken, erfgoedcellen, sociaal-cultureel werk en andere culturele structuren geraakt. 

De ironie van Jean Brusselmans

Er zit een bijna perfecte ironie in de timing. Bozar opent een tentoonstelling over Jean Brusselmans, een Belgische kunstenaar die een groot deel van zijn leven in relatieve afzondering werkte en pas later de erkenning kreeg die hij verdiende. Voor de tentoonstelling worden werken uit Vlaamse collecties naar Brussel gebracht. Precies op dat moment hoort Bozar dat Vlaanderen vanaf volgend jaar zijn volledige subsidie schrapt.

Het vat mooi samen hoe culturele instellingen werken: een tentoonstelling in Brussel kan afhankelijk zijn van werken uit Antwerpen, Gent of andere Vlaamse collecties; een Vlaams orkest kan in Brussel spelen en een Vlaamse kunstenaar kan internationaal worden gelanceerd vanuit een federale instelling.
Cultuur trekt zich weinig aan van de grenzen tussen beleidsniveaus.
Subsidies doen dat helaas wel. 

Bozar staat niet alleen

Vanaf 2027 verlaagt Vlaanderen ook de werkingssubsidies voor het gemeentelijke Nederlandstalige cultuurbeleid en de Nederlandstalige gemeentelijke bibliotheken in Brussel met 30 procent. De middelen voor de Brusselse gemeenten gaan volgens BRUZZ van 3,7 naar 2,6 miljoen euro. Ook het Archief en Museum voor het Vlaams Leven te Brussel, het AMVB, verliest volgens BRUZZ ongeveer de helft van zijn Vlaamse subsidie.

Het beeld is daardoor breder dan alleen Bozar of M HKA. De Vlaamse regering maakt keuzes over waar de Vlaamse overheid nog rechtstreeks cultuur wil financieren en waar ze minder verantwoordelijkheid wil opnemen. 

Misschien is dit nog maar het begin

De Vlaamse regering zegt dat ze de middelen wil concentreren waar ze de grootste impact hebben. Grote musea en grote fondsen zoals Literatuur Vlaanderen worden bij deze besparingsronde grotendeels ontzien, terwijl vooral lokale, bovenlokale en andere structuren inleveren.

Daar wringt het. Kleinere en middelgrote instellingen krijgen minder ruimte om risico's te nemen, nieuwe kunstenaars te tonen of projecten te ontwikkelen die niet onmiddellijk een groot publiek opleveren. Precies daar ontstaat de spanning met de internationale ambities die Vlaanderen tegelijk voor zijn cultuursector formuleert. Een museum wordt immers niet internationaal omdat het alleen tentoonstellingen programmeert waarvan vooraf vaststaat dat iedereen ze goed zal vinden.

Vijftig mensen op straat veranderen geen Vlaamse begroting. Maar kunstenaars en kunstinstellingen beginnen zich te organiseren, de Antwerpse sector trekt naar de rechtbank en Bozar waarschuwt publiek voor de gevolgen van de weggevallen Vlaamse steun.

De culturele sector reageert dus niet langer alleen met een persbericht.
En voor een regering die zegt dat ze met minder geld méér impact wil creëren, wordt het vooral interessant om te zien hoeveel cultuur er overblijft wanneer de instellingen die het risico nemen om iets nieuws te tonen, zelf steeds minder risico kunnen nemen.

(Foto: M HKA)

Besparingen Nieuws nationaal Musea

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken