Vanaf 1 juli vliegt je vakantiebudget met de nieuwe vliegtuigtax recht de overheidskas in.
Wie deze zomer nog dacht met Ryanair naar de zon te vluchten voor de prijs van een dagschotel in de Quick, heeft pech. Want vanaf 1 juli pakt de federale regering je op weg naar de gate nog even stevig bij de portefeuille. In het paasakkoord werd een nieuwe, verhoogde vliegtaks ingeschreven. Klein bedrag, grote symboliek: je vliegreis is opnieuw een beetje meer een luxeproduct — zelfs als je richting Benidorm vertrekt met handbagage en een croque uit de brooddoos.
Hoeveel kost de droom van zon nu extra?
Tot drie euro extra per ticket. Zo weinig? Inderdfaad, op het eerste gezicht een aalmoes. Maar tel dat door op gezinsniveau — papa, mama, twee kinderen en een opblaasbare flamingo — en je kijkt al snel naar een extraatje van 12 euro. Geen ramp, denken sommigen. Tot je beseft dat die 12 euro gewoon een voorproefje is van wat nog komen zal.
En nog belangrijker: die paar euro raken niet aan je comfort, maar aan een ideologie. De ideologie dat reizen — zelfs voor modale gezinnen — niet langer vanzelfsprekend mag zijn.
Korte vluchten? Hardste tik
De kortste vluchten, onder de 500 kilometer, krijgen de hoogste heffing. Daar is het narratief van de klimaatverandering verantwoordelijk voor. De overheid hoopt dat je dan wel “duurzaam alternatief vervoer” neemt. Lees: de NMBS, als die al rijdt. Of een overvolle Flixbus vol slaaptekort en oplaadkabels.
Dat de gemiddelde reiziger Brussel-Zürich niet voor zijn plezier boekt, maar vaak wegens werk of familie, is blijkbaar bijzaak.
Boekte je al? Pech gehad, misschien
Je denkt dat je slim was door je zomervakantie al vast te leggen? Think again. De vliegtaks zit in de ticketprijs — maar luchtvaartmaatschappijen kunnen die alsnog aan jou doorrekenen. Zelfs als je al maanden geleden boekte. In hun kleine lettertjes staat namelijk vaak een clausule die hen toelaat om “nieuwe heffingen” alsnog op jouw kap af te schuiven.
TUI en Brussels Airlines zijn alvast in beraad. Of ze de kosten doorschuiven of zelf slikken, hangt af van een koude economische afweging: klantvriendelijkheid versus winst. Spoiler: de laatste wint meestal.
En hoe zit het in Nederland en Frankrijk?
De slimmeriken onder ons denken meteen de luchthavens van Eindhoven of Lille als alternatief. Hier even het rekenwerk:
Nederland: een vluchttaks van 29,40 euro, per passagier per vlucht. Dus retourtje = bijna 60 euro extra. En vanaf 2027? Nog duurder, vooral als je ver vliegt. Want daar zijn langeafstandsvluchten binnenkort het nieuwe taboe.
Frankrijk: sinds 1 maart al fors verhoogd. Voor economyklanten naar een verre bestemming: 40 euro. Vlieg je business? Dan ga je richting 60 à 70 euro. Klasseverschil wordt hier dus letterlijk belast.
Duitsland: ook afstandsgebonden. Hoe verder, hoe zwaarder de tol. Het is daar ook niet goedkoper, maar tenminste voorspelbaar.
Toch voordeliger via de grens? Soms wel
Ironisch genoeg: ondanks al die hogere taksen, kan het nog steeds goedkoper zijn om via Lille of Eindhoven te vertrekken. Waarom?
- Kleinere luchthavens = minder luchthaventaksen.
- Lagere operationele kosten = meer promoprijzen van budgetvliegers.
- Goedkopere parking, minder files, sneller inchecken.
Zo vlieg je met Transavia vanuit Eindhoven naar tientallen bestemmingen, of met Volotea vanuit Lille naar het zuiden van Frankrijk, zonder gedoe.
De echte inzet: belasting op beweging
Laat ons een kat een kat noemen: die paar euro extra doen niet zoveel pijn. Maar het signaal erachter wel. Vliegen wordt — stukje bij beetje — herverpakt als moreel bedenkelijk gedrag. Wie het vliegtuig neemt, is asociaal, onduurzaam, een klimaatvandaal. En dus mag je gestraft worden.
Welkom in België. Waar nu zelfs de lucht belast wordt.
(Foto: AI/ P-magazine)