Oppositie wil duidelijkheid over crisisaanpak, samenwerking en middelen voor hulpdiensten.
De natuurbrand in de Hoge Venen is nog altijd niet onder controle, maar in de Wetstraat begint het politiek te smeulen. Op vraag van Anders en PVDA komt de Kamercommissie Binnenlandse Zaken vervroegd bijeen. De oppositie wil van minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin weten of de overheid snel en doeltreffend genoeg heeft gereageerd.
De precieze datum van de commissievergadering ligt nog niet vast. Kamervoorzitter Peter De Roover heeft wel bevestigd dat de commissie vervroegd zal samenkomen. Commissievoorzitter Ortwin Depoortere moet de datum bepalen.
Wie deed wat, en wanneer?
Voor Anders zijn er volgens Kamerlid Arthur Orlians te veel vragen om te wachten tot een geplande parlementaire bespreking. De eerste prioriteit blijft volgens hem het blussen van de brand, maar tegelijk moet duidelijk worden hoe de crisisaanpak is verlopen.
Onder meer de communicatie tussen de betrokken provinciegouverneur en de federale diensten ligt onder het vergrootglas. De liberalen ruiken politieke winst voor zichzelf en klimmen op de barricades. Wellicht hebben ze een punt. Zij willen weten hoe de federale overheid de operatie heeft aangestuurd en of er voldoende overleg is geweest met de buurlanden.
De kern van de politieke vraag is eenvoudig: was België voldoende voorbereid op een natuurbrand van deze omvang?
PVDA vraagt uitleg over federale crisisfase
Ook PVDA sluit zich aan bij de vraag om de commissie sneller bijeen te roepen. Fractieleidster Sofie Merckx wil onder meer weten waarom geen federale fase van het crisisbeheer werd afgekondigd.
De communisten richten de aandacht op de middelen waarover Civiele Bescherming en hulpdiensten beschikken. De vraag is of besparingen uit het verleden vandaag gevolgen hebben voor de capaciteit om grote natuurbranden aan te pakken.
Het debat dreigt daarmee breder te worden dan alleen de brand in de Hoge Venen. Het gaat ook over de vraag hoeveel middelen België bereid is vrij te maken voor rampen die volgens experts steeds waarschijnlijker worden.
Groen: klimaatrisico's moeten deel worden van veiligheidsbeleid
Groen trekt de kaart van de klimaatverandering. Zij zien in de brand een aanleiding om het Belgische veiligheidsbeleid grondig te herbekijken. Voorzitter Aimen Horch pleit ervoor om klimaatweerbaarheid structureel te verankeren in de nationale veiligheidsarchitectuur.
Volgens Groen moet het Climate Risk Assessment Centre (CERAC) daarin een vaste plaats krijgen. Ook de Nationale Veiligheidsraad zou klimaatrisico's systematisch moeten meenemen in zijn werkzaamheden.
De partij vraagt daarnaast meer middelen voor de Civiele Bescherming en gespecialiseerde natuurbrandbestrijding. Volgens Groen moet er bovendien een gegarandeerde luchtcapaciteit beschikbaar zijn wanneer grote natuurbranden uitbreken.
Waarschuwing lag al op tafel
De discussie komt niet helemaal uit de lucht vallen. CERAC waarschuwde vorig jaar al dat België rekening moet houden met een toenemend risico op grote natuurbranden en dat het land daar onvoldoende op voorbereid is.
De brand in de Hoge Venen kan die waarschuwing moeilijk nog als een theoretisch scenario laten wegzetten.
De politieke vraag wordt daardoor stilaan even belangrijk als de brand zelf: hoeveel waarschuwingen zijn er nog nodig voordat België zijn crisisorganisatie aanpast aan een veranderend klimaat?
(Fotomontage YouTube/P-magazine)