Hoezo politici zijn leugenaars?
Het Brusselse gewest blijkt niet enkel een stad van kunst, cultuur en chaos te zijn, maar ook van boekhoudkundige tovenarij. Uit onderzoek van ‘De Tijd’ en ‘The Brussels Times’ blijkt dat de Brusselse regering de voorbije jaren een reeks creatieve – sommigen zouden zeggen misleidende – technieken gebruikte om haar rampzalige begroting een likje glans te geven. De cijfers mochten er op papier goed uitzien, zolang niemand te diep keek.
Aan het roer van deze financiële fictie: minister-president Rudi Vervoort (PS) en minister van Begroting Sven Gatz (Open VLD), die blijkbaar dachten dat begrotingsbeleid een vorm van performance art is.
De illusie van solvabiliteit
Vrijdag publiceert kredietbeoordelaar Standard & Poor’s een nieuw rapport over de Brusselse financiën. De vorige keer, in juni, ging de rating al onderuit van A+ naar A – nog maar net boven het niveau van “hou je adem in en hoop op een mirakel”. Een nieuwe afwaardering lijkt onafwendbaar, en dat komt op het slechtst mogelijke moment: Brussel zal hogere rente moeten betalen om nieuwe schulden aan te gaan.
Dat is geen detail. Met een tekort van 1,6 miljard euro op een totaal van 6,5 miljard aan inkomsten heeft Brussel het slechtste begrotingssaldo van alle Belgische gewesten. Ter vergelijking: Vlaanderen speelt boekhouder met een tekort van 7 procent, Wallonië met 12 procent, en de Franse Gemeenschap – altijd al een toonbeeld van bescheidenheid – met 6 procent. Brussel torent daar met 25 procent ver bovenuit.
Het gewest stapelt de tekorten op als vuilniszakken in de Marollen: elk jaar een paar miljard erbij, en niemand die nog weet wat eronder ligt. De schuld klom van 8,9 miljard euro in 2020 naar 15,6 miljard in 2024 – bijna een verdubbeling in vier jaar tijd.
De boekhoudkundige beautytreatment
Maar waar een wil is, is een Excel-truc. Brussel rekende 825 miljoen euro aan Europese investeringssteun voor de metro-uitbreiding vrolijk mee als liquiditeiten – alsof dat geld in een la lag te wachten op gebruik. In werkelijkheid is dat geld “voorwaardelijk”: men mag er enkel aankomen als Europa ermee instemt.
Of zoals Xavier Debrun van de Nationale Bank het fijntjes samenvat: “Als het geld in de zak van je buurman zit, en je hem eerst vriendelijk moet vragen om het te mogen gebruiken, dan is het géén liquiditeit.”
Het klinkt banaal, maar die kunstgreep deed wonderen voor de Brusselse “schuldendekkingsgraad”, de parameter die meet hoe makkelijk een overheid haar schulden kan betalen. Op papier leek alles dus rooskleuriger dan het was — zoals een filter over een gebarsten selfie.
‘Nog te beslissen’ besparingen
In 2024 verklaarde de Brusselse regering trots dat ze tegen 2026 een begroting in evenwicht zou bereiken. Klinkt indrukwekkend, tot je leest dat ze daarvoor 1 miljard euro aan “nog te beslissen” maatregelen al hadden meegerekend.
Met andere woorden: men rekende op besparingen die een volgende regering – nog niet verkozen, laat staan gevormd – zou moeten realiseren. Het is alsof je nu al een vakantie boekt op basis van het geld dat je misschien volgend jaar wint met de Lotto.
Zelfs voor Belgische normen is dat een zeldzaam staaltje van politieke zelfbediening.
Een eigen versie van de waarheid
De Brusselse regering rekent haar schuld bovendien anders dan de Nationale Bank. Volgens het officiële Brusselse Schuldagentschap bedroeg de brutoschuld 15,02 miljard euro, terwijl de NBB 15,65 miljard berekende.
Dat verschil van meer dan een half miljard komt volgens insiders doordat Brussel de schulden van minstens 15 overheidsinstellingen gewoon niet meetelt. De Europese richtlijnen schrijven voor dat die wél moeten worden opgenomen, maar in Brussel hanteert men blijkbaar de “creatieve interpretatie”-versie van die regels.
“Transparantie? Nooit van gehoord.”
“Er heerst een gebrek aan sérieux”, stelt Xavier Debrun van de Nationale Bank droogjes. “Als je niet verantwoordelijk gehouden wil worden voor de financiële situatie, is het eerste wat je doet: verbergen wat er aan de hand is.”
Zijn analyse is moeilijk te betwisten. In Brussel is het begrotingsbeleid uitgegroeid tot een kunstvorm waarin cijfers niet langer de realiteit weerspiegelen, maar het politieke verlangen om die te verdoezelen.
Regering reageert zoals verwacht
Op het kabinet van Sven Gatz klinkt het voorspelbare refrein: alles volgens het boekje. De opgekrikte schuldendekkingsgraad zou “algemeen aanvaard” zijn door de financiële partners. En het beloofde begrotingsevenwicht? “We hopen dat een toekomstige regering de nodige hervormingen kan doorvoeren.”
Met andere woorden: de rekening, die is voor de volgende.
( Foto: Philip Reynaers/Photo News)