De Wever lanceert aanval op de Senaat.
Premier Bart De Wever (N-VA) zette maandag een formele eerste stap richting de afschaffing van de Senaat. In de commissie Institutionele Aangelegenheden van de Senaat betoogde De Wever dat de instelling “geen relevante rol meer speelt in ons politieke systeem” en daarom “definitief tot het verleden moet behoren”. Tot een stemming kwam het nog niet, maar de intentie is duidelijk: het tweekamerstelsel, dat zijn oorsprong vindt in 1815, moet grondwettelijk herzien worden.
Een instelling zonder functie
Volgens De Wever heeft de Senaat, vooral sinds de zesde staatshervorming van 2014, zijn functie als overlegkamer tussen deelstaten nooit effectief kunnen invullen. Het overgrote deel van zijn bevoegdheden is uitgehold, waardoor de instelling meer weg heeft van een bezigheidstherapie dan van een democratisch instrument. “Het behoud van een instelling die haar bestaansrecht heeft verloren, creëert alleen verwarring en complexiteit,” aldus De Wever, die zich niet liet beperken door diplomatie in zijn toelichting.
Complex pad naar afschaffing
Het politieke pad naar afschaffing is evenwel complex. Artikel 195 van de Grondwet moet aangepast worden, samen met andere grondwetsartikelen die nog niet voor herziening waren opgenomen. Zelfs binnen de meerderheid bestaat er verdeeldheid over het tempo en de wenselijkheid van de afschaffing. De MR staat kritisch tegenover het afschaffen van het tweekamerstelsel, terwijl de PS wel steun verleent, mits hoorzittingen en amendementen worden meegenomen. Voor Groen is het debat nog niet rond, met senatrice Celia Groothedde die “tegen het oneigenlijke gebruik van artikel 195” stemt.
Politiek cynisme in België
Het contrast tussen de snelheid van politiek en de effectiviteit ervan is pijnlijk: terwijl een institutioneel detail als de Senaat, met een jaarlijkse kost van 45 miljoen euro, al jaren onderwerp van debat is, blijken Belgische politici veel sneller bereid om sociaal bloedbad aan te richten bij de bevolking. Pensioenen worden gestript, uitkeringen gekort, en de publieke begroting ondergaat ingrijpende hervormingen, vaak zonder brede maatschappelijke discussie of politieke terughoudendheid.
Moeilijkheid van symbolische hervorming
En toch, voor een symbolische en institutionele hervorming zoals het afschaffen van de Senaat lijkt de politieke moed plots op te raken. Het lijkt ironisch dat een regering, die zonder veel problemen de lasten van burgers verhoogt, aarzelt om een eeuwenoude, inefficiënte instelling in één beweging tot het verleden te maken. Terwijl de bevolking opdraait voor sociale pijn, worstelt de politieke klasse met een relatief symbolische hervorming van een slap orgaan.
Traject richting 2029
Het volledige proces richting afschaffing van de Senaat zal nog jaren aanslepen: amendementen moeten door de commissie, een stemming in de voltallige Senaat en vervolgens in de Kamer volgen. In theorie kan de Senaat tegen 2029 definitief verdwijnen – maar tegen die tijd hebben de burgers al meerdere begrotingsrondes van pijnlijke besparingen overleefd, terwijl de politieke elite rustig overleg pleegt over een lege institutionele huls.
Wat hebben we vandaag geleerd?
Voor Belgische politici is het veel makkelijker om een sociaal bloedbad aan te richten bij de bevolking dan om een ineffectieve Senaat definitief af te schaffen. Ironischer kan politiek cynisme nauwelijks worden.
(Foto: Bert Van Den Broucke/ /Photo News)