Je wagen rijdt als een zonnetje, de motor spint tevreden en op het dashboard brandt geen enkel waarschuwingslampje. Toch kan een bezoekje aan de autokeuring eindigen met een rode kaart en een nieuwe afspraak. Bijna één op de zes personenwagens in Vlaanderen moet opnieuw langs de keuringslijn. En wie denkt dat vooral versleten motoren of roestige wrakken de schuldigen zijn, zit ernaast. De grootste spelbreker is iets waar je waarschijnlijk nauwelijks bij stilstaat.
Naar de autokeuring gaan is voor veel automobilisten ongeveer even aangenaam als een bezoek aan de tandarts. Je weet dat het moet, je hoopt dat alles in orde is en je bent vooral blij wanneer je zonder bijkomende kosten weer buiten staat. Alleen blijkt dat laatste lang niet voor iedereen weggelegd.
Uit de eerste GOCA Barometer, die de resultaten van de Vlaamse autokeuringen analyseert, blijkt dat 17,4 procent van de ruim twee miljoen personenwagens die tussen juli 2025 en juni 2026 periodiek werden gekeurd, een ongunstig resultaat kreeg. Dat zijn meer dan 360.000 auto's waarvan de eigenaar binnen vijftien dagen of drie maanden opnieuw mocht aanschuiven.
Bij ongeveer 30.000 voertuigen, of 1,4 procent van het totaal, was de situatie zelfs zo ernstig dat de bestuurder er niet meer mee de openbare weg op mocht. Dan hebben we het niet meer over een keurmeester die een beetje moeilijk doet over een lampje, maar over gebreken die een reëel gevaar kunnen vormen.
Je koplampen kunnen je dag verpesten
Opvallend genoeg zijn het niet de motoren, versnellingsbakken of andere peperdure onderdelen die het vaakst voor problemen zorgen. De absolute nummer één is de verlichting, en dan vooral de koplampen.
Bij 5,3 procent van alle keuringen werd een probleem met de koplampen vastgesteld. In totaal telde GOCA 108.879 gebreken aan de verlichting. Dat kan gaan om lampen die niet behoorlijk werken, maar ook om een verkeerde afstelling.
En daar maakt de leeftijd van je auto weinig verschil. Terwijl sommige technische problemen vooral opduiken wanneer een wagen ouder wordt, komen verkeerd afgestelde of slecht werkende koplampen voor bij zowel jonge als oude auto's.
Je kunt dus perfect met een relatief nieuwe wagen naar de keuring rijden, technisch helemaal in orde zijn en toch met een probleem naar huis worden gestuurd omdat je koplampen liever de boomtoppen verlichten dan het asfalt.
Na de verlichting volgen problemen met de uitlaatemissies, goed voor 57.807 vaststellingen. Wielen en banden zijn met 54.374 gebreken eveneens een belangrijke oorzaak van afkeuring, gevolgd door de ophanging met 46.129 vaststellingen. Problemen met het chassis en de bevestiging van voertuigonderdelen vervolledigen het lijstje met 26.660 gevallen.
Vanaf een jaar of tien begint de miserie
Dat oudere auto's vaker problemen vertonen, zal niemand echt verbazen. Onderdelen slijten nu eenmaal, hoe voorzichtig je ook rijdt en hoe liefdevol je je vierwieler behandelt.
Bij auto's tot negen jaar oud schommelt het aandeel voertuigen met een gebrek rond 10 à 11 procent. Daarna begint de kans op een ongunstig keuringsresultaat behoorlijk te stijgen. Bij wagens van veertien à vijftien jaar oud krijgt bijna één op de vier bestuurders te horen dat er iets moet worden hersteld.
Volgens GOCA heeft dat vooral te maken met normale slijtage. De ophanging krijgt jarenlang putten, verkeersdrempels en Belgische wegen te verwerken, terwijl ook de uitlaat en de emissiesystemen na verloop van tijd vaker voor problemen zorgen.
Dat betekent natuurlijk niet dat iedere vijftien jaar oude auto op instorten staat. Een goed onderhouden wagen kan nog jarenlang probleemloos functioneren, terwijl een jonger exemplaar dat zijn onderhoud vooral van goede voornemens moet hebben, er een stuk slechter aan toe kan zijn.
De keuringscijfers tonen hoeveel auto's op het moment van de controle een gebrek vertonen. Ze vertellen niet hoeveel geld hun eigenaars voordien al aan onderhoud en herstellingen hebben uitgegeven. En dat is een belangrijk verschil.
Hybrides doen het goed, maar diesels krijgen niet helemaal een eerlijk proces
Ook tussen de verschillende aandrijvingen zijn er opvallende verschillen. Benzinehybrides blijken in alle onderzochte leeftijdscategorieën het minst vaak met een gebrek naar de herkeuring te worden gestuurd.
Dieselwagens lijken het op het eerste gezicht slechter te doen dan benzinewagens van dezelfde leeftijd. Alleen zit daar een addertje onder het gaspedaal: diesels leggen gemiddeld aanzienlijk meer kilometers af.
Een diesel van vier à vijf jaar oud heeft volgens de cijfers gemiddeld al 91.600 kilometer gereden. Bij een benzinewagen van dezelfde leeftijd is dat slechts 57.500 kilometer. Dat scheelt meer dan 34.000 kilometer, en die extra afstand laat zich uiteraard voelen in de slijtage.
Wanneer je auto's vergelijkt op basis van hun kilometerstand in plaats van hun leeftijd, verandert het verhaal zelfs. Tussen 100.000 en 125.000 kilometer vertoont 16,3 procent van de benzinewagens een gebrek, tegenover 14,3 procent van de diesels.
De diesel, die de jongste jaren al genoeg klappen heeft gekregen, hoeft dus niet automatisch ook nog de zwarte piet van de autokeuring toegeschoven te krijgen.
En hoe zit het met elektrische auto's?
Elektrische auto's vormen voorlopig een wat moeilijker verhaal. Het Vlaamse elektrische wagenpark is nog relatief jong, waardoor er onvoldoende oudere exemplaren zijn om al grote conclusies te trekken over hun technische levensduur.
Van de 34.344 gekeurde elektrische wagens was ruim twee derde vier à vijf jaar oud. Binnen die leeftijdsgroep vertoonde 10,8 procent een gebrek, tegenover 9,2 procent van de benzinewagens.
Dat is opmerkelijk, want elektrische auto's hebben doorgaans minder bewegende onderdelen in hun aandrijflijn en worden vaak voorgesteld als onderhoudsarm. Maar minder onderhoud betekent uiteraard niet dat banden, ophanging, verlichting en andere onderdelen plots het eeuwige leven hebben.
Toch zou het voorbarig zijn om op basis van deze cijfers te besluiten dat elektrische auto's minder betrouwbaar zijn. Daarvoor is het aantal oudere elektrische voertuigen nog te beperkt, en bovendien vertelt de keuring niet het volledige verhaal over de onderhoudskosten.
Even zelf kijken kan een tweede bezoek besparen
Wie binnenkort naar de autokeuring moet, kan zichzelf mogelijk wat ergernis besparen door vooraf enkele eenvoudige zaken te controleren. Werken alle lichten? Zijn de banden nog in goede staat? Brandt er geen waarschuwingslampje op het dashboard? En wanneer zijn de remmen en de ophanging voor het laatst nagekeken?
Vooral die verlichting verdient wat aandacht. Het zou tenslotte behoorlijk zuur zijn om met een perfect onderhouden wagen door de keuring te willen geraken en vervolgens een tweede afspraak te moeten maken omdat een koplamp verkeerd staat.
De conclusie van de GOCA Barometer is eigenlijk vrij eenvoudig: hoe ouder een auto wordt, hoe groter de kans op technische gebreken. Maar wie zijn wagen goed onderhoudt, hoeft niet meteen zenuwachtig te worden zodra de tiende verjaardag nadert.
Al blijft de autokeuring natuurlijk een bijzondere plek. Je kunt er met een auto binnenrijden die volgens jou nog minstens tien jaar meegaat, om twintig minuten later te ontdekken dat je vooral dringend iets aan je koplampen moet doen.