Er zijn landen die bij stijgende brandstofprijzen meteen aan betuttelingsregeltjes denken. Minder snel rijden, minder verbruiken, probleem opgelost. Klinkt logisch. Met een topexpert die cijfers verzint, wordt dat idee dan nog wat kracht bijgezet. Alleen denken ze daar in Duitsland net iets anders over.
Daar werd het idee van een snelheidslimiet op de Autobahn opnieuw op tafel gelegd, maar even snel weer afgevoerd. De redenering is opvallend simpel: de prijs van brandstof wordt niet bepaald door hoe snel jij rijdt, maar door wat er op de wereldmarkt gebeurt. Of je nu 120 rijdt of 240: je stookt er wel sneller je benzine of diesel door, maar aan de pomp verandert er niets.
En dus blijft het principe overeind waar Duitsland al decennia voor staat: wie snel wil rijden, moet dat kunnen. Op eigen verantwoordelijkheid, en met zijn eigen portemonnee.
Dat maakt het contrast met de rest van Europa alleen maar groter. Waar elders steeds meer beperkingen worden ingevoerd, blijft Duitsland vasthouden aan een soort rijvrijheid die ondertussen bijna cultureel erfgoed geworden is. Niet omdat het moet, maar omdat men vindt dat het kan.
Tegelijk beseffen ze daar ook dat hoge brandstofprijzen pijn doen. Alleen zoeken ze de oplossing niet in beperkingen, maar in compensatie. De overheid bekijkt of ze de reiskostenvergoeding tijdelijk kan verhogen, zodat wie dagelijks de baan op moet voor zijn werk een deel van die extra kost kan recupereren. Met andere woorden: niet trager rijden, maar het financieel wat draaglijker maken.
Dat is ergens ook een verfrissende benadering. In plaats van gedrag te sturen met regels, laat men de keuze bij de bestuurder zelf. Wil je snel rijden en dus meer verbruiken, prima. Maar dan betaal je daar ook voor. Of, in dit geval, krijg je een klein duwtje in de rug om het verteerbaar te houden.
Het is een filosofie die haaks staat op de reflex die we in veel andere landen zien. Daar wordt snelheid steeds vaker gezien als iets dat ingeperkt moet worden, los van wat mensen zelf willen of kunnen betalen.
Duitsland kiest duidelijk een andere kant. Niet alles moet gereguleerd worden. Soms volstaat het om mensen zelf te laten beslissen hoe ze hun auto gebruiken.
En ja, dat betekent dat je op sommige stukken nog altijd gewoon plankgas kan geven. Als er geen treuzeltrut met een gele nummerplaaat op de linkse rijstrook slaapwandelt, uiteraard.