Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken
A A

🎥 25 jaar Pink Screens: toen queer cinema nog gevaarlijk was

Redactie - 07-10-2026

Pink Screens viert zijn 25ste editie met films uit een periode waarin queer cinema nog niet netjes in een Netflix-menu stond. Van Pasolini en Fassbinder tot John Waters en Derek Jarman: films die seks, gender en verlangen uit de kast trokken en onderweg behoorlijk wat heilige huisjes omver schopten.

Er was een tijd waarin een film over twee mannen die verliefd werden of iemand die de klassieke genderrollen naast zich neerlegde niet automatisch werd verkocht als een warm verhaal over diversiteit. Queer cinema kon provoceren, choqueren, amuseren en vooral kwaad maken. Soms allemaal tegelijk.

Pink Screens, het Brusselse queerfilmfestival, viert zijn 25ste editie en kijkt daarvoor terug naar een van de wildste periodes uit de filmgeschiedenis: de jaren zeventig en vroege jaren tachtig. De retrospectieve Queer cinema tussen affirmatie, activisme en bevrijding start op 2 november bij Cinematek.

Toen Hollywood nog niet wist wat een regenbooglogo was

De periode begint symbolisch bij Stonewall in 1969, de rellen die uitgroeiden tot een belangrijk keerpunt in de LGBTQIA+-emancipatie. Ook de cinema veranderde. Queer personages verschenen vaker en werden niet langer uitsluitend opgevoerd als slachtoffer, crimineel of tragische buitenstaander.

De seksuele revolutie, het feminisme en experimentele cinema deden de rest. Queer film werd tegelijk kunst, activisme en provocatie.

Vandaag kan een streamingdienst zonder veel risico een queer serie lanceren en kan een multinational tijdens Pride zijn logo in regenboogkleuren zetten. In de jaren zeventig kon de film zélf nog de provocatie zijn.

Pasolini, Fassbinder en vooral heel weinig braafheid

Pink Screens haalt voor zijn verjaardag films boven die niet bepaald gemaakt zijn om iedereen comfortabel in zijn zetel te houden.

Pink Flamingos van John Waters uit 1972 maakte van Divine een cultfiguur die zichzelf uitroept tot de “vuilste persoon ter wereld”. Daarnaast zijn er onder meer Pasolini's Il Decameron, Fassbinders Fox and His Friends en Derek Jarmans Sebastiane, waarin het verhaal van de heilige Sebastiaan wordt omgebouwd tot een homo-erotische vertelling over verlangen, macht en religie.
 

 

Die films spelen met seksualiteit, religie, klasse en moraal en trekken zich weinig aan van de vraag of ieder personage wel sympathiek en voorbeeldig genoeg is.
John Waters had van die lijntjes doorgaans sowieso niet bijzonder veel last.

Transgenderidentiteit in 1977

Een van de opvallendste titels is Cambio de sexo van Vicente Aranda uit 1977. De film volgt de 17-jarige José María, die zich afgewezen voelt en naar Barcelona vlucht. Daar begint een zoektocht naar de eigen genderidentiteit.

De film was in Spanje belangrijk omdat transgenderervaringen zichtbaar werden op een moment waarop zulke verhalen nauwelijks een plaats kregen in de mainstreamcinema.

En precies daarom blijft zo'n film interessant. Niet omdat een film uit 1977 alle antwoorden voor 2026 bevat, maar omdat hij laat zien dat discussies waarvan we soms denken dat ze vorige week op sociale media zijn uitgevonden, al een halve eeuw op het witte doek worden gevoerd.

 

 

Ook België duikt in de retrospectieve op, met onder meer Miss O’Gynie et les Hommes fleurs van Samy Pavel uit 1974 en Les Tueurs fous van Boris Szulzinger uit 1972. Volgens Cinematek bleef België in die periode bovendien opvallend lang vasthouden aan censuur terwijl die elders al sterk werd afgebouwd.

Van underground naar Netflix

Vijfentwintig edities later bevindt queer cinema zich in een andere wereld. Streamingdiensten hebben de zichtbaarheid enorm vergroot en queer verhalen zitten vandaag in populaire series, arthousefilms, documentaires en commerciële producties. Maar misschien maakt dat deze oude films juist interessant.

De geschiedenis van queer cinema bestaat namelijk niet alleen uit keurige boodschappen over inclusiviteit. Ze bestaat uit camp, seks, punk, romantiek, woede, activisme, slechte smaak, grote kunst en soms volkomen bizarre cinema.

Naast de klassiekers toont Pink Screens bijvoorbeeld ook Cruising van William Friedkin uit 1980, de nog altijd controversiële thriller met Al Pacino over de New Yorkse homoscene. Met de nieuwe documentaire Mineshaft: The Cruising Murders van Jeffrey Schwarz wordt die geschiedenis meteen naar vandaag doorgetrokken.
De films herinneren eraan dat cinema niet altijd braaf, correct of comfortabel hoeft te zijn. Ze mag lastig, erotisch, politiek, lelijk, grappig en totaal onvoorspelbaar zijn.
Toen queer cinema nog gevaarlijk was, had ze misschien wel meer vrijheid.

Praktisch

Pink Screens loopt van 28 oktober tot 7 november 2026. De retrospectieve Pink Screens 25 Years start op 2 november bij Cinematek en wordt ook op andere Brusselse locaties vertoond.

(Foto: PD)

Cinema Pink screesn Queer cinema

Reacties

Resterende karakters 500
Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken