Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Voor jou getest: Mini Cooper SE – fun op batterijen

Stefan Lambrechts - 23-06-2025

De MINI Cooper heeft zich al jaren in de harten van designliefhebbers en petrolheads genesteld. Compact, speels, stijlvol en met een gezonde dosis Britse eigenzinnigheid. Maar wat gebeurt er als je die klassieke charme combineert met een elektrische aandrijving? Juist, dan krijg je de MINI Cooper SE. Een speelse, pittige stadsrakker die niets liever doet dan door smalle straatjes gummen en ondertussen fluisterstil blijven. Wij testten de Cooper SE.

De looks

De echte MINI-puristen hadden het moeilijk met het uiterlijk van deze nieuwe generatie. En ergens hebben ze hebben een punt. De iconische, plastic spatbordverbreders zijn verleden tijd, en dat voelt bijna alsof de MINI z’n piercings uitgedaan heeft en in een maatpak is gekropen.

Maar laten we niet te streng zijn. Want de rest van het MINI-DNA zit er nog boenk op. De korte overhangen, de bijna verticale voorruit, de wielen helemaal op de hoeken van de auto: het zijn stuk voor stuk elementen die je met één oogopslag roepen: “Ik ben een MINI!”. De nieuwe verzonken deurgrepen zijn dan weer puur BMW (logisch, aangezien het moederbedrijf is) maar het doet niets af aan het karakter.

In vergelijking met de vorige generatie straalt deze MINI net iets meer maturiteit uit. Het is alsof je favoriete buurjongen ineens zijn rijbewijs heeft gehaald én een jasje draagt dat wél past. Nog steeds speels, maar nu ook iets serieuzer. Al is dat bij MINI relatief.

Onder de koets

De vorige elektrische MINI, de eerste generatie SE, was eerder een proefballonnetje. Een actieradius van net geen 240 kilometer was in de praktijk vaak net genoeg om bij de Delhaize én terug te geraken, als je het gaspedaal met fluwelen handschoentjes aanraakte.

Deze nieuwe generatie komt wél serieus voor de dag. Zelfs de instapversie Cooper E heeft al een batterij van 40,7 kWh en haalt een opgegeven WLTP-range van 307 km. Niet slecht. Maar wij gingen een stap verder en kozen de Cooper SE: meer batterij, meer vermogen, meer plezier.

Onder de motorkap van de SE ligt een 218 pk sterke elektromotor met 330 Nm koppel, gekoppeld aan een batterij van 54,2 kWh. Officieel goed voor een rijbereik van 402 kilometer.

Snelladen kan met 95 kW. Geen recordbreker, maar wel oké: van 10 tot 80% laden lukt in zo’n 35 minuten. Een koffietje, een plaspauze en weer verder. Efficiënt genoeg voor wie niet dagelijks de Ardennen moet doorkruisen.

Het rijden

Dat MINI's rijden zoals een kart op steroïden, is geen geheim. En ook deze Cooper SE maakt dat waar. Zodra je instapt, voel je het: deze auto wil vooruit. De elektromotor levert zijn koppel direct, wat zorgt voor een sprint naar de 100 km/u in 6,7 seconden. Maar dat zijn maar cijfers. Wat je vooral voelt, is de onmiddellijke punch bij elk rood licht. Dit ding is gretig. Het zou ons zelfs niet verbazen dat-ie in de praktijk een halve seconde sneller is naar de honderd.

De besturing is haarscherp, het onderstel stevig en laag. Alles in deze MINI schreeuwt: “Laat me die bocht pakken zoals Verstappen op zondagmiddag!” En da’s exact wat je doet. Al moeten de voorbanden dan wel hun stinkende best doen om de power op het asfalt te krijgen, vanuit stilstand. Torque steer is niet vreemd aan deze auto – als je niet oplet, stuurt de MINI zichzelf haast een zijstraat in.

De tractiecontrole houdt alles gelukkig onder controle. En hoewel het soms allemaal nét iets te nerveus aanvoelt, blijft het wel leuk. Dit is geen gezapige elektrische gezinsbak, dit is een auto voor wie goesting heeft om te rijden. Elke rit voelt als een uitje, zelfs al is het maar naar de Colruyt.

Onderstuur kent de MINI totaal niet. Zelfs als je als een halve gare een rotonde op- en weer afrijdt, houdt de voortrein grip. De achterkant holt er dan speels achteraan.

De prijs

De Cooper E moet minstens 30.600 euro kosten. De SE doet daar exact 4.000 euro bij. De strafste van het gamma, de John Cooper Works Electric met maar liefst 258 elektrische paarden, heb je niet voor minder dan 42.950 euro.

Da’s niet echt weinig voor zo’n kleine rakker. Bovendien kan je nog redelijk ‘los’ gaan in de optielijst. Ons testexemplaar, de SE (basisprijs: 34.600 euro) kwam bijvoorbeeld op 42.265 euro.

Ons verdict

De MINI Cooper SE is niet perfect. Of toch zeker niet voor wie op zoek is naar ook nog wat comfort. Het ronde infotainmentsysteem mag dan wel erg fraai ogen, qua ergonomie is het eerder kunst dan gebruiksgemak. De software is soms nukkig, en het head-updisplay is een soort plastic flapje dat uit het dashboard opklapt en meer weg heeft van een kinderfeesttruc dan van hoogtechnologische innovatie.

Maar dat alles vergeef je ‘m als je ermee rijdt. De Cooper SE is puur rijplezier in een compact jasje. Hij is snel, lichtvoetig, speels en vooral: hij voelt aan als een échte MINI. Een auto die niet zomaar gebruikt wordt, maar beleefd. Rit na rit.

Dus nee, het is niet de rationeelste keuze op de markt. Maar als je op zoek bent naar iets pittigs, speels én elektrisch dat je echt rijplezier biedt, dan kan je echt niet om de MINI heen.

Mini Voor jou getest

Reacties

Resterende karakters 500
Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken