Een knieblessure deed zijn tennisracket in de kast verdwijnen, maar leverde de muziekwereld een van haar meest eigenzinnige stemmen op. Adam Wiltzie bouwde vanuit Brussel aan een oeuvre dat ver voorbij de gewone grenzen gaat — van het etherische post-rock van Stars of the Lid tot filmscores voor Lion en Arrival. Nu brengt hij A Winged Victory for the Sullen naar Bozar.
Van tennisveld naar concertzaal
Weinig muzikale loopbanen beginnen met een sportblessure, maar die van Adam Wiltzie is niet alledaags. De componist, die opgroeide in de jaren zeventig en ondertussen Belgisch staatsburger is, zou je op een heel ander parcours kunnen hebben gevonden. "Ik kan tennissen op een zeer hoog niveau", zegt hij zonder omhaal. Maar het was zijn knie die de beslissing voor hem maakte.
Vanuit zijn nieuwe thuis — het Vlaamse platteland — bouwde Wiltzie jarenlang aan een indrukwekkend muzikaal erfgoed. Met Stars of the Lid schiep hij een wereld van ijle gelaagdheid en traag opbollende orkestrale klanken. Daarna kwamen de scores voor internationale speelfilms als Lion en Arrival, werk dat zijn naam ook buiten de niche van de ambient- en neo-klassieke muziek deed weerklinken.
Brussel in drie woorden: "Excuse the dust"
Dat hij uiteindelijk in België belandde, was geen toeval. "Ik ben nu Belgisch staatsburger en woon op het Vlaamse platteland. Ik ga nergens heen", klinkt het resoluut. En als hij Brussel moet omschrijven? Drie woorden: Excuse the dust. Niet ontevreden, niet lyrisch — gewoon eerlijk.
De stad heeft hem gevormd en gevoed. En nu staat hij er opnieuw op het podium. Op 4 en 5 juni brengt hij A Winged Victory for the Sullen naar Bozar, samen met Dustin O'Halloran en drie strijkers. Een project dat zijn meest intieme en ambitieuze kant laat zien.
Levenswijsheden van iemand die zijn best doet ze te vergeten
In een interview vol licht onverwachte antwoorden geeft Wiltzie ook een kijkje in zijn dagelijkse leven. Zijn beste lifehack? "Check je e-mail niet voor 12 uur 's middags." Zijn favoriete cadeau voor anderen? Crémant en tweedehandsplaten. Wat hij zichzelf gunt? Paardensteak.
Over zijn creatieve fouten is hij verrassend direct: "Laat je niet verlammen door keuzestress, laat het los en begin aan het volgende." En zijn grootste les als kunstenaar? "Het is ongelooflijk gevaarlijk voor kunstenaars om aan de verwachtingen van anderen te voldoen."
Zijn grafsteen zou luiden: "In praise of melancholy." Dat zegt misschien meer over zijn muziek dan elk persbericht ooit zou kunnen.