N-VA snoeit in naam van “efficiënt bestuur” in cultuur, openbaar vervoer en sociale huisvesting, maar voor de verlieslatende luchthaven van Deurne maken ze graag een uitzondering.
Er zijn van die dossiers waar de hypocrisie er zo dik op ligt dat je ze twee keer moet lezen om ze te geloven. De Vlaamse regering snoeit in naam van “efficiënt bestuur” in cultuur, openbaar vervoer en sociale huisvesting, maar voor de tarmac van Deurne blijkt plots wél een uitzonderingsparagraaf te bestaan. En dat terwijl de luchthaven van Antwerpen al jaren een financieel zorgenkind is. Dit toeval heeft een naam: de achterban van de N-VA.
De luchthaven die geen winst maakt, maar wel vrienden
De cijfers liegen niet: de Antwerpse luchthaven draait al jaren verlies. Alleen dankzij jaarlijkse injecties van miljoenen euro’s Vlaams belastinggeld blijft het bedrijf overeind. CD&V en Vooruit - doorgaans niet te beroerd om voor de nodige postjes compromissen te slikken - zetten ditmaal de hakken in het zand. “Miljoenen blijven stoppen in een verlieslatende luchthaven is geen goed bestuur,” klonk het scherp bij CD&V’er Mien Van Olmen.
Voor Van Olmen is de maat vol:
“Deze luchthaven heeft de kans gemist om zich te vernieuwen en zich om te vormen tot een innovatieve hub waar de luchtvaart van de toekomst vorm krijgt,” zei ze in het Vlaams Parlement.
“In plaats daarvan heeft ze de focus gelegd op kapitaalkrachtige privévluchten. Het getuigt van weinig gezond financieel beleid om geld te blijven steken in een verlieslatend bedrijf.”
Een duidelijke sneer naar de Vlaamse regering én naar minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA), die Deurne met hand en tand blijft verdedigen.
Twee maten, twee gewichten
De ironie is moeilijk te missen. Wanneer een sociaal project, een wijkcentrum of een bibliotheek met een tekort kampt, wordt dat door N-VA steevast afgedaan als “inefficiënt beleid” of “leven boven stand”. Subsidies zijn dan gif voor de economie. Doch, zodra het gaat om een luchthaven die amper passagiers vervoert, vooral gebruikt wordt door zakenjets en privévluchten, worden de miljoenen ineens “strategische investeringen in innovatie”.
De logica? Deurne ligt in het hart van de Antwerpse regio — de electorale motor van de N-VA. Als het de achterban goed uitkomt, wordt de partij plots een stuk minder streng in haar neoliberale leer.
De Ridder: “Het regeerakkoord zegt niet dat we luchthavens gaan sluiten.” Wauw! Maar wacht, want in het Vlaams Parlement klonk De Ridder zeer ridderlijk: “Het regeerakkoord zegt dat we werk gaan maken van een toekomstgericht duurzaam luchtvaartbeleid, met méér efficiëntie en minder overheidssteun. “ En vervolgens: “Het regeerakkoord zegt niet dat we luchthavens gaan sluiten, ook niet dat we gaan inbreken in de samenwerking met de bestaande partner.” Vrij vertaald: deze keer gaan we de spelregels niet in het midden van spel veranderen.
Annick verwees naar de komst van een nieuwe CEO die de luchthaven financieel “op eigen benen” zou moeten helpen staan. Alleen – oeps – is daar tot dusver weinig van te merken: de verliezen stapelen zich op, en de beloofde vernieuwing blijft uit.
Vooruit: “Er moet dringend worden ingegrepen”
Ook Vooruit vindt het tijd voor klare wijn. Vlaams fractieleider Kris Verduyckt zei het onomwonden in Villa Politica: “Het regeerakkoord is heel duidelijk: het moet met minder subsidies. Met alle plannen die in het verleden al zijn gemaakt, zien we dat de cijfers nog altijd slechter worden. Er moet dus worden ingegrepen.” Verduyckt wijst op de vergelijking met Zaventem, dat als internationale hub zijn nut bewijst: “We zitten in Vlaanderen met een bijzonder grote luchthaven die bijzonder goed werkt. Dan moeten we eerlijk zijn over Deurne: de cijfers spreken voor zich.”
Voor Vooruit is het dan ook duidelijk dat de tijd van vrijblijvende beloften voorbij is. Er moet een plan van aanpak komen, en snel.
Politieke luchtbrug
Het politieke spel rond Deurne legt de spanning binnen de Vlaamse regering pijnlijk bloot. CD&V wil de subsidies afbouwen, Vooruit wil een evaluatie van alle regionale luchthavens, en de N-VA houdt koppig vast aan het statussymbool van haar grootste stad. Ondertussen blijft de luchthaven elk jaar meer kosten dan ze opbrengt.
In die context klinkt De Ridders verdediging van “een duurzame toekomst voor de Vlaamse luchtvaart” vooral als retoriek met een vleugje kerosine. Deurne is niet duurzaam, niet rendabel, en nauwelijks maatschappelijk relevant. Het is een prestigeproject dat overleeft dankzij politieke bescherming.
Een luchthaven als metafoor
Deurne is meer dan een dossier over verlies en winst: het is een spiegel van het beleid. Waar ideologische principes buigen zodra de electorale belangen meespelen. Waar “minder overheid” plots “strategische overheid” wordt als de betonplaten op vertrouwd terrein liggen.
(Foto: Philip Reynaers/Photo News)