In West-Vlaanderen zijn er zorgen over de plannen van minister Jo Brouns om hogere niveaus van pesticiden in drinkwater toe te staan, terwijl de regio al te maken heeft met vervuiling.
In West-Vlaanderen is onrust ontstaan naar aanleiding van de overwegingen van Vlaams minister voor Omgeving en Landbouw Jo Brouns om tijdelijk hogere gehaltes van schadelijke stoffen in drinkwater toe te staan. Dit voorstel is een reactie op de toenemende bezorgdheid over de vervuiling door pesticiden, met name in de Westhoek.
Reacties en bezorgdheid
De reacties komen voornamelijk uit West-Vlaanderen, waar inwoners zich zorgen maken over de kwaliteit van hun drinkwater. De kritiek richt zich op het feit dat schoon drinkwater een basisbehoefte is die niet in het geding mag komen. Veel inwoners hebben het gebruik van waterfilters stopgezet, omdat zij twijfelen aan de effectiviteit ervan om de vervuiling te verwijderen.
De rol van Europa
De Europese drinkwaterrichtlijn stelt specifieke eisen aan de aanwezigheid van schadelijke stoffen in drinkwater. De norm staat slechts 0,1 microgram per liter van bepaalde stoffen toe. Minister Brouns overweegt deze norm tijdelijk te versoepelen naar tien keer de toegestane limiet, terwijl hij nog steeds moet voldoen aan Europese verplichtingen. Volgens de Vlaamse regelgeving is dit mogelijk onder strikte voorwaarden. Echter, Europa kan ingrijpen als de regels niet correct worden nageleefd, wat kan leiden tot juridische stappen en boetes.
Waarom West-Vlaanderen?
De Westhoek verkrijgt zijn drinkwater voornamelijk uit oppervlaktewater, in tegenstelling tot grondwater. Dit maakt het gebied kwetsbaarder voor vervuiling door pesticiden die vanuit landbouwgebieden in waterlopen terechtkomen. Daarnaast dragen bedrijven die zich niet aan de regels houden bij aan de vervuiling door hun afvalwater in oppervlaktewater te lozen.
Deskundigen maken zich zorgen over de cumulatieve blootstelling aan verschillende schadelijke stoffen over een langere periode, ondanks de berichten van de overheid dat de vervuiling nog binnen de gezondheidsgrenzen blijft.