Begroting onder vuur: regering balanceert tussen besparingen en paniekbeleid.
De federale regering staat opnieuw onder zware druk. Een ontsporende begroting, oplopende rente en een dreigende energiecrisis vormen samen een cocktail die weinig ruimte laat voor politieke speelruimte.
Geen marge, zegt de premier. De Wever kiest resoluut voor voorzichtigheid. Volgens hem is het financieel onverantwoord om opnieuw massaal geld uit te geven, zoals tijdens eerdere crisissen. De staatskas laat het simpelweg niet toe.
Socialisten zoeken uitweg via Europa
Aan socialistische zijde klinkt een ander geluid. Conner Rousseau pleit ervoor om de Europese begrotingsregels tijdelijk te versoepelen. Zijn voorstel: de zogenaamde ontsnappingsclausule opnieuw activeren, zodat extra uitgaven buiten de begroting kunnen worden gehouden.
Die redenering is niet nieuw. Tijdens de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne werd dezelfde techniek gebruikt om economische schokken op te vangen zonder de begroting verder te laten ontsporen.
Volgens de socialisten is dat ook nu noodzakelijk. Zonder extra steunmaatregelen dreigt de economie af te koelen en neemt het risico op recessie toe.
Coalitie verdeeld
De andere coalitiepartners reageren terughoudend tot afwijzend op het voorstel om opnieuw uitzonderingen toe te staan op de Europese regels.
De kritiek is tweeledig: enerzijds is de omvang van de crisis nog onduidelijk, anderzijds dreigt een versoepeling van de regels een vrijgeleide te worden voor bijkomende uitgaven zonder structurele dekking.
De discussie raakt aan de kern van het beleid: kiezen voor budgettaire discipline of voor economische ondersteuning op korte termijn.
Structureel probleem
Er is echter een extra scherp kantje aan het debat. België kampt al langer met een structureel begrotingstekort dat de Europese normen overschrijdt. De klassieke Maastrichtgrens van 3 procent is al losgelaten; volgens de huidige vooruitzichten evolueert het tekort richting 5 procent tegen 2029.
Zelfs een stabilisatie rond 4 procent wordt als ambitieus beschouwd. Tegelijk geeft de regering zelf aan dat bijkomende besparingen van meerdere miljarden euro nodig zijn om het geheel onder controle te houden.
De energiecrisis dreigt dat evenwicht volledig te ondergraven.
Druk om geld uit te geven groeit
Parallel neemt de politieke druk toe om maatregelen te nemen die de impact voor burgers beperken.
Georges-Louis Bouchez pleit voor automatische verlagingen van accijnzen bij stijgende brandstofprijzen en voor een netto-indexering van lonen, waarbij de loonkost voor werkgevers niet stijgt.
Dergelijke maatregelen verlichten de druk op gezinnen, maar kosten de overheid aanzienlijke inkomsten. In het geval van een netto-indexering gaat het al snel om een budgettaire impact van ongeveer één miljard euro.
Voor De Wever is dat een brug te ver.
Rekening blijft oplopen
De situatie wordt verder bemoeilijkt door tegenvallende inkomsten. Eerder aangekondigde maatregelen leveren minder op dan voorzien: hogere btw-tarieven werden afgevoerd, accijnzen brengen minder op en ook andere fiscale ingrepen vallen tegen.
Het gevolg is een bijkomend gat in de begroting dat oploopt tot honderden miljoenen euro’s, met een structurele impact richting het einde van de legislatuur.
De klok tikt
De regering plant nog beperkte bijsturingen op korte termijn, maar een grote budgettaire oefening wordt richting zomer verschoven.
Die timing ligt intern onder vuur. Verschillende coalitiepartners willen sneller schakelen en vrezen dat uitstel de problemen alleen maar groter maakt.
Evenwichtsoefening zonder vangnet
Hoe combineer je budgettaire discipline met economische bescherming in een context van externe schokken?
De regering balanceert tussen twee risico’s. Te weinig ingrijpen kan de economie schaden, te veel uitgeven ondergraaft de financiële geloofwaardigheid.
In beide scenario’s komt de rekening uiteindelijk bij dezelfde terecht: wij, de belastingbetaler.
(Foto: Didier Lebrun / Photonews)