Zodra de temperaturen zakken, graaft iedereen in de kast naar een warme trui. Vaak blijkt dan dat de dikke, kriebelende exemplaren van vroeger toch niet zo prettig zitten, en dat de goedkope acryltrui na één winter al pluist. Merinowol biedt een alternatief dat warm, zacht en verrassend veelzijdig is. Maar wat maakt deze wol zo bijzonder, en waar let je op bij het kopen? De belangrijkste vragen op een rij.
Wat is merinowol precies?
Merinowol komt van het merinoschaap, een ras dat oorspronkelijk uit Spanje stamt en tegenwoordig op grote schaal wordt gehouden in onder meer Australië en Nieuw-Zeeland. Het kenmerk van deze wol is de fijne vezel. Die is veel dunner dan die van gewone schapenwol, waardoor merino zacht aanvoelt en niet prikt op de huid. Daardoor kun je een merinotrui zelfs zonder T-shirt eronder dragen.
Waarom is merino zo warm, terwijl het zo dun is?
Het geheim zit in de structuur van de vezel. Merinovezels zijn van nature gekruld, waardoor ze kleine luchtzakjes vormen. Die lucht werkt als isolatie en houdt je lichaamswarmte vast. Tegelijk laat de wol vocht en warmte door wanneer je het te warm krijgt. Merino regelt dus je temperatuur: warm als het koud is, aangenaam als je binnenkomt in een verwarmde ruimte.
Ook bij vocht
Wol kan een aanzienlijke hoeveelheid vocht opnemen voordat het nat aanvoelt. Dat maakt een merinotrui ideaal voor een fietstocht door de miezer of een wandeling op een frisse ochtend. Synthetische vezels voelen in die situatie snel klam aan.
Moet je een merinotrui vaak wassen?
Nee, en dat is een van de grote voordelen. Merinowol neemt nauwelijks geurtjes op, omdat de vezel bacteriën minder kans geeft. Vaak volstaat het om de trui na het dragen een nacht te laten luchten. Wassen doe je pas als dat echt nodig is, op een wolprogramma of met de hand in lauw water met een speciaal wolwasmiddel. Leg de trui daarna plat te drogen, zodat hij zijn vorm houdt.
Hoe draag je een merinotrui?
Een fijne merino wol trui is een van de meest veelzijdige stukken in de garderobe van een man. Draag hem met een ronde hals over een overhemd voor kantoor, of met een V-hals onder een colbert. Een coltrui in merino is een stijlvol alternatief voor overhemd en das, zeker onder een pak of een wollen overjas. In het weekend combineer je hem met een jeans en sneakers of boots.
Omdat merino dun is, kun je er goed mee lagen. Onder een jas of een donzen bodywarmer houdt hij je warm zonder dat je er als een Michelinmannetje uitziet.
Welke kleuren zijn het handigst?
Begin met de basiskleuren: marineblauw, grijs, zwart en camel. Die combineer je met alles. Wil je daarna wat meer variatie, kies dan voor donkergroen, bordeaux of een warme roestkleur. Die kleuren passen goed bij de herfst en winter en geven een outfit net iets meer karakter.
Waar let je op bij het kopen?
Voel aan de trui: goede merino is zacht en soepel, niet stug. Kijk naar de afwerking van de naden en boorden, want die bepalen hoe lang de trui zijn vorm behoudt. Let op de pasvorm: een merinotrui mag nauw aansluiten, maar mag niet spannen over schouders of borst. En controleer het etiket: honderd procent merino of een mengsel met een klein beetje kasjmier geeft het beste resultaat.
Tips om lang van je trui te genieten
Laat je trui na het dragen luchten in plaats van hem direct te wassen.
Was op een wolprogramma of met de hand, en droog altijd plat.
Hang merino niet op een hanger, maar vouw hem op in de kast.
Gebruik een pluizenkam als er na verloop van tijd kleine bolletjes ontstaan.
Bewaar truien in de zomer schoon en afgedekt, om motten te voorkomen.