Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Beels noemt Rousseau “bijna Trumpiaans”: van wie is een politiek postje eigenlijk?

Redactie - 30-09-2026

Van El Kaouakibi tot Beels: wat blijft er nog over van een politieke partij als iedereen zijn eigen weg gaat?

Jinnih Beels haalt uit naar Conner Rousseau en noemt zijn aanpak “bijna Trumpiaans”. Maar onder de ruzie bij Vooruit zit een veel groter probleem: wat stellen politieke partijen eigenlijk nog voor als verkozenen steeds vaker hun partij achter zich laten, maar hun zetel meenemen?

Het politieke nieuws van de week komt niet uit een parlementair debat, een begrotingsnota of een of andere zoveelste ruzie over een pensioenleeftijd. Het komt uit Antwerpen, waar Jinnih Beels en Vooruit elkaar zo stevig in de haren zijn gevlogen dat de vraag stilaan interessanter wordt dan de ruzie zelf: wie is er eigenlijk nog eigenaar van een politiek mandaat: de partij of de verkozene?

Buiten jij!

Vooruit heeft de samenwerking met Beels stopgezet na, volgens de partij, aanhoudende klachten over haar deloyale houding. Conner Rousseau zegt dat Beels als onafhankelijke verder mag, maar niet vanuit een zetel van Vooruit. “Principes boven postjes”, was zijn boodschap.

Beels denkt daar – wat had je gedacht - duidelijk anders over. Ze weigert haar mandaat als Antwerps gedeputeerde op te geven en zegt dat ze het bestuursakkoord gewoon wil blijven uitvoeren. In Terzake stelde ze dat ze niet opstapt voor iets wat ze niet heeft gedaan en dat ze niet van plan is te vertrekken “omdat ik een grote mond heb”.

“Bijna Trumpiaanse initiatieven”

Beels beschuldigt Rousseau ervan via de Vlaamse regering een decreet te willen laten goedkeuren om haar politiek buitenspel te zetten. Ze noemt dat “bijna Trumpiaanse initiatieven” en verwijt Rousseau dat hij democratische partijen als N-VA en CD&V vraagt hem te volgen “als schoothondjes”.

Dat zijn zware woorden. Beels beweert bovendien dat ze het ene moment van Rousseau te horen kreeg dat ze niet uit de partij zou worden gezet, om vervolgens via een partijmededeling te vernemen dat Vooruit de samenwerking beëindigt en een decreet wil laten voorbereiden.

Of de Trumpvergelijking inhoudelijk standhoudt, is een andere discussie. Maar als televisiemoment was het wel raak. Plots ging het niet meer alleen over Jinnih Beels. Het ging over de particratie zelf.

Een kleine realitycheck voor Conner

Rousseau presenteert de zaak als een principekwestie: je kunt niet als onafhankelijke blijven zitten op een stoel die je dankzij Vooruit hebt gekregen. Maar die waarheid kent vele vaders.

In België worden parlementsleden en mandatarissen verkozen via verkiezingen op partijlijsten, maar een parlementaire zetel is juridisch niet simpelweg eigendom van een partij. Dat werd bijvoorbeeld pijnlijk duidelijk in 2021, toen Sihame El Kaouakibi Open VLD verliet en haar zetel als onafhankelijk Vlaams Parlementslid behield. Toen leerden we – the hard way - dat een zetel persoonlijk aan het verkozen parlementslid toekomt en niet aan de partij.

Dus wie krijgt er in de zaak Beels dan gelijk?

Een partij die zegt: dit is onze zetel.

Een verkozene die roept: de kiezer heeft mij verkozen.

Ergens tussen die twee zinnen speelt de Belgische particratie verstoppertje.

De partij verlaten, maar het mandaat meenemen

Dit fenomeen is allang niet meer exclusief van Vooruit.

Kijk naar Open VLD.

Maurits Vande Reyde verliet in april 2025 de partij en zetelt sindsdien als onafhankelijke in het Vlaams Parlement. Hij was een jaar eerder zowaar nog kandidaat-partijvoorzitter geweest. Zijn vertrek motiveerde hij inhoudelijk: volgens hem was de partij onvoldoende liberaal en kreeg hij binnen de particratie te weinig ruimte voor zijn koers.

Sihame El Kaouakibi deed het eerder, zij het in een totaal andere context: ze verliet Open VLD in 2021 nadat ze in opspraak was gekomen rond subsidiefraude en bleef vervolgens – tot grote ergernis van iedereen met gezond verstand - als onafhankelijke in het Vlaams Parlement zetelen.

Het zijn geen identieke dossiers en ze mogen ook niet op één hoop worden gegooid. Maar wel hetzelfde patroon.

En dus vragen wij ons af hoeveel van onze politiek nog draait om ideologie en hoeveel om mensen die proberen hun politieke positie te behouden wanneer hun partij hen niet langer bevalt?

De partij als een jas die je kapstok hangt

Toen de dieren nog spraken, stond een partij voor een min of meer herkenbare politieke familie. Socialist, liberaal, christendemocraat, nationalist, groene, communist: je wist ongeveer welke ideeën bij welke vlag hoorden.

Vandaag lijken veel partijen steeds meer op brede compromisplatforms waarin de verschillen tijdens verkiezingscampagnes groter klinken dan ze aan de regeringstafel uiteindelijk blijken te zijn.

Dat is deels onvermijdelijk. Een coalitieregering bestaat per definitie uit partijen die compromissen sluiten.

Maar België heeft van dat compromis bijna een politieke levensstijl gemaakt.

Partijen stappen in regeringen met ideologische tegenstanders omdat er anders geen meerderheid is. Ze verdedigen maatregelen waar ze tijdens de campagne nog een andere taal over spraken. Ze presenteren compromissen vervolgens als historische overwinningen en leggen de moeilijke passages uit als iets wat ze “er nog hebben kunnen uithalen”.

En zo krijg je politiek die steeds minder op een kleurenvlag lijkt en steeds meer op een patchwork van bestuursakkoorden.

 

Het postje

De Belgische politiek heeft de voorbije jaren vaak laten zien dat principes en postjes minder ver uit elkaar liggen dan politici ons graag doen geloven. Regeringen worden samengesteld uit partijen die elkaar tijdens verkiezingscampagnes bestrijden, mandatarissen verlaten partijen maar behouden hun zetel, partijen veranderen van naam en koers, en politici verdedigen regeringsdeelname met het argument dat het alternatief nog erger zou zijn.

Maar als er dan iemand uit de eigen rangen stapt, heet dat plots deloyaal gedrag?

Misschien is het echte probleem dus niet Jinnih Beels.

En ook niet Conner Rousseau.

Misschien is het probleem dat politieke partijen steeds harder proberen te bewijzen dat hun mandatarissen van hen zijn, op een moment waarop kiezers steeds minder geloven dat partijen nog ergens voor staan behalve voor het volgende compromis, het volgende bestuursakkoord en uiteindelijk toch dat ene ding waar Rousseau zo nadrukkelijk afstand van neemt: het postje.

(Fotomontage: Photonews)

Vooruit Jinnih beels Nieuws nationaal Particratie

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken