Mijnheer de president: slaap zacht.
In 2025 sneuvelden Russische soldaten in Oekraïne aan een tempo dat zelfs naar oorlogsmaatstaven uitzonderlijk is: bijna honderd doden per veroverde vierkante kilometer. Het was het dodelijkste jaar sinds het begin van de invasie. Toch lijken die cijfers in Moskou vooral administratief van aard, niet beleidsmatig.
Minimale winst, maximale tol
Terreinwinst bleef beperkt en duur. Steden die al meer dan een jaar als “bijna veroverd” worden voorgesteld, zijn dat vandaag nog altijd. Frontlijnen schuiven traag op, terwijl het aantal overlijdensberichten scherp stijgt. Onafhankelijke ramingen spreken intussen over een kwart miljoen tot mogelijk meer dan 300.000 gesneuvelde Russische militairen sinds het begin van de oorlog.
Cijfers zonder consequenties
Met gewonden en vermisten meegerekend loopt het totale aantal Russische slachtoffers richting het miljoen. De militaire logica blijft echter onveranderd. Vooruitgang wordt niet gemeten in strategische doorbraken, maar in slachtoffers per kilometer. Dat die verhouding steeds schever wordt, leidt niet tot herziening van de aanpak.
Doelen blijven ongewijzigd
De Russische oorlogsdoelen blijven maximaal. Naast de Donbas staan ook Zaporizja en Odessa nadrukkelijk op de agenda. De luchtcampagne werd in 2025 verder opgevoerd, met nachtelijke aanvallen op stedelijke en economische infrastructuur. De boodschap van het Kremlin blijft eenvoudig: blijven aanvallen, ongeacht de kost.
Slijtageslag als strategie
Het uitgangspunt is dat Oekraïne uiteindelijk zal bezwijken onder de druk van een eindeloze slijtageslag. Dat dit tot nu toe niet gebeurt, verandert niets aan het plan. Er wordt over het hele front tegelijk geduwd, zonder duidelijke focus of fundamentele bijsturing.
De prijs van het spel
Het cynisme zit niet in de cijfers zelf, maar in de afwezigheid van gevolgen. Doden worden ingecalculeerd, niet heroverwogen. Zolang er soldaten zijn om te sturen en symbolisch terrein om te claimen, blijft het spel doorgaan. Oorlogje spelen, met een teller die blijft oplopen en een prijs die blijkbaar nog altijd aanvaardbaar wordt geacht.
(Foto: AI-Pmagazine/Grok)