Een miljoen om te weten hoe laat is, leg dat maar eens uit in Burkina Fasso.
Tadej Pogačar is zonder twijfel een fenomeen op de fiets. Drievoudig Tourwinnaar, wereldkampioen en wellicht de beste renner van zijn generatie. Niemand die zijn sportieve klasse in twijfel trekt.
Maar de grootste kampioen is ook het uithangbord van een wereld die alle gevoel voor proportie lijkt kwijt te zijn.
De Sloveen stelde deze week zijn nieuwste speeltje voor: de RM 64-01 Tourbillon Colnago, een exclusief horloge van Richard Mille met een prijskaartje van zowat 800.000 Zwitserse frank, goed voor net geen miljoen euro. Er worden amper vijftig exemplaren van gemaakt. Een speeltje voor verzamelaars, miljardairs en mensen die blijkbaar niet meer weten wat ze met hun geld moeten doen.
Ceci n'est pas een uurwerk.
Laten we eerlijk zijn. Niemand koopt zo'n horloge omdat het de tijd beter aangeeft dan een exemplaar van honderd euro. Dit is geen uurwerk meer. Dit is een statussymbool waarmee de superrijken elkaar proberen te overtroeven.
En uiteraard hoort daar een marketingverhaal bij. Het design zou geïnspireerd zijn op de lijnen van een koersfiets. Alsof een carbon frame plots een extra nul op de factuur rechtvaardigt.
Nog absurder wordt het wanneer blijkt dat Pogačar het horloge tijdens de Tour de France niet eens zal dragen. Officieel om veiligheidsredenen. Begrijpelijk ook. Je wil niet dat een accessoire van een miljoen euro beschadigd raakt tijdens een valpartij.
Alleen wringt daar net het koersschoentje.
De koers als catwalk
De moderne topsport lijkt steeds vaker een luxeshow te worden. Wielrennen was ooit de sport van arbeiderszonen die op afgeleefde fietsen over kasseien dokkerden. Vandaag worden renners omringd door miljoenencontracten, exclusieve horloges, designbrillen, hypercars en luxemerken die elkaar verdringen om toch maar even mee op televisie te komen.
Probeer het eens uit te leggen
Natuurlijk: Pogačar heeft dat horloge niet zelf betaald. Richard Mille gebruikt hem als wandelend reclamebord. Zo werkt sponsoring nu eenmaal.
Maar probeer dat verhaal eens uit te leggen aan een boer in Burkina Faso, een moeder in Zuid-Soedan of een gezin dat in Gaza tussen het puin probeert te overleven. "Kijk, deze man krijgt bijna een miljoen euro aan zijn pols omdat hij heel snel een berg kan oprijden."
Het is een vergelijking die sommigen goedkoop of moraliserend zullen vinden. En ja, het is intussen bijna een cliché om topsport af te zetten tegen de ellende elders in de wereld. Toch blijft het ongemakkelijke gevoel bestaan. Niet omdat succesvolle sporters geen geld zouden mogen verdienen, maar omdat de bedragen stilaan elke vorm van gezond verstand overstijgen.
Een beetje deemoed zou mogen
Niemand vraagt dat topsporters in een oude Renault Clio naar de Tour vertrekken of een horloge van de supermarkt dragen. Maar een beetje bescheidenheid zou geen revolutionair idee mogen zijn.
Zeker in een tijd waarin steeds meer mensen moeite hebben om hun energiefactuur te betalen, jongeren geen woning meer kunnen kopen en overheden besparen op zowat alles wat publieke dienstverlening heet.
Misschien hoeft niet elk luxemerk ook nog eens op de pols van een sportheld te pronken.
Want uiteindelijk blijft het een vreemde wereld. Miljoenen mensen kijken vol bewondering naar een renner die lijdt op de flanken van de Mont Ventoux, terwijl aan zijn sponsorverplichtingen een horloge hangt waarmee je kan overbieden op het huis van je dromen.
Dat is geen overwinning van de sport. Dat is vooral een overwinning van de marketing.
(Foto: YouTube)