Geen sport, maar straatterreur: hoe voetbal Brussel gijzelde.
“Voetbal is oorlog”, zei de Nederlandse voetbaltrainer Rinus Michels ooit. De man zou nogal staan kijken, als hij de veldslagen van vandaag zou zien. Voetbal is écht oorlog geworden. Waarom moeten wij als maatschappij nog langer verdragen dat een spelletje met een bal en 22 knullen die daar achteraan lopen telkens opnieuw ontaard in het gijzelen van steden. Iedere keer opnieuw zien we idioten die zichzelf volgooien met drank en drugs, mekaar te lijf gaan en een spoor van vernieling achterlaten.
Onze overheid schreeuwt moord en brand als er ergens op een verlaten plek een raveparty wordt georganiseerd. Dan worden meteen door gouverneurs de grote middelen in gezet. Omdat ze agressief en gevaarlijk zijn? Omdat er drugs in het spel is? De vergelijking met voetbal kan niet schrijnender zijn. Let wel, wij keuren die illegale rave-party’s niet goed. Maar doen die dansende jongeren op het eind van de rit iemand kwaad?
Nu goed, we hoeven er verder geen tekening bij te maken. Laten we hopen dat er na de rellen van dit weekend én gisteren, een écht signaal van de overheid komt. Dit kan niet meer!
Even een overzicht maken van wat er is gebeurd en de gevolgen daarvan.
1. Van voetbalfeest tot veldslag
Wat een sportieve hoogdag moest worden, ontaardde zondag in een chaotisch schouwspel dat eerder paste bij een scène uit "La Haine" dan bij een Belgische bekerfinale. In de aanloop naar de clash tussen Club Brugge en Anderlecht veranderden de straten van Molenbeek in een frontlijn. Wat begon als een alternatief wandelparcours richting Koning Boudewijnstadion eindigde in vernieling, haat en gewonden.
Hooligans in zwarte hoodies – vermoedelijk Brugse fans – braken ruiten in, vielen omstaanders lastig, spuugden op mensen en gooiden vuurwerk alsof het confetti was. Hitlergroeten en racistische leuzen weerklonken in de straten. Een provocatie die niet zonder gevolg bleef: jongeren uit de buurt verzamelden zich en zochten de confrontatie. Onschuldige fans belandden tussen twee vuren. Eén supporter kreeg zelfs een kogel in de voet.
2. De metro ligt stil, de wet ook
Het absurde van de situatie? De chaos ontstond mede doordat een metrolijn werd stilgelegd wegens... eerder vandalisme. Supporters trokken dan maar te voet naar het stadion. Langs een route waar niemand op voorbereid was. De politie in Molenbeek had amper dertig agenten ingeschakeld en zag zich plots geconfronteerd met een meute die op ramkoers lag.
De hele zondag door bleef het rommelen. Vechtpartijen in metrostellen, opstootjes in stations als Beekkant en Belgica, en ordediensten die telkens te laat arriveerden. Tachtig gewonden, negen ziekenhuisopnames en 63 arrestaties later blijkt dat dit geen incident was, maar een manifest falen van planning, preventie en proportioneel ingrijpen.
3. Politiek in crisismodus
De politieke reacties zijn navenant. Kamerleden van Groen en N-VA spreken van 'pure terreur' en 'onaanvaardbaar racisme'. In Molenbeek vraagt waarnemend burgemeester Gjanaj zich hardop af hoe het zo fout kon lopen. Nja, hoe zou dat nu toch komen! Minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin probeert de plooien glad te strijken door te verwijzen naar federale bijstand. Maar het kwaad is geschied.
Brusselse oppositieleden eisen hardere maatregelen. En terecht. Dit gaat niet meer over voetbal. Dit gaat over georganiseerde haat onder de vlag van een clubtruitje.
4. Wie zwijgt, stemt toe
De Pro League noemt de rellen een misbruik van het voetbal als dekmantel voor georganiseerde misdaad. Club Brugge zegt in een statement dat het geweld veroordeelt. Maar ondertussen ligt de bal al maanden in hun kamp. De club kreeg eerder dit seizoen al met racistische incidenten te maken en moest 24 fans weren. Wordt het geen tijd dat het stilzwijgende knikje van de voetbalbonzen plaatsmaakt voor kordate actie?
5. Wat nu met toekomstige matchen?
In Brussel klinkt nu al de oproep om Club-supporters te weren bij de volgende confrontatie. Staatssecretaris Ans Persoons pleit voor een match zonder bezoekers. Parlementslid Ilyas Mouani stelt het duidelijk: "We kunnen de veiligheid in onze stad niet meer garanderen."
Of dat effectief gebeurt, ligt bij de clubs en de lokale overheden. Maar de toon is gezet. Wat zondag gebeurde, zal nazinderen. Op politieverslagen, op ziekenhuisfacturen en in het collectieve geheugen van een stad die dit geweld beu is.
6. Zwaarder bestraffen? Alleen als men durft
Burgemeester Philippe Close legt de vinger op de wonde: waarom mochten deze hooligans überhaupt naar Brussel komen? Waarom geen preventieve stadionverboden? Waarom blijft de voetbalwet dode letter?
Zowel de regering als de Pro League beloven al langer strengere sancties. Snellere stadionverboden, hogere boetes. Maar zolang dat alleen op persconferenties gebeurt, zal het geweld zich herhalen. Intussen slagen onze wetgevers er niet in om de wet bij te benen met de realiteit. En die realiteit is explosief.
De bekerfinale was geen match. Het was een waarschuwing. Eentje die veel te lang genegeerd werd.