N-VA breidt greep op economische macht in België uit.
Premier Bart De Wever en zijn N-VA zetten hun strategische mars voort, niet alleen in Vlaanderen, maar nu ook op federaal niveau, zo schrijft ‘De Tijd’ op vrijdag. Met claims op sleutelposities bij de Nationale Bank, de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (SFPIM) en het energieagentschap Hedera verstevigen de Vlaams-nationalisten hun controle over de economische kern van België.
Strategie van lange adem
De opmars van de N-VA naar economische macht is het resultaat van een strategie die teruggaat tot de eerste onderhandelingen met de PS in 2010. Destijds trok De Wever de les: een politieke partij die zichzelf als machtsfactor wil positioneren, moet stevige controle verwerven over het overheidsapparaat en economische sleutelposten.
Het aantrekken van economen en beleidsdeskundigen zoals Guy Clémer, Sven De Neef, Edwin De Boeck en Johan Van Overtveldt past in dit plan. Het doel: van een Vlaams-nationalistische beweging evolueren naar een beleidspartij met sociaaleconomische geloofwaardigheid, vergelijkbaar met de vroegere CVP, maar met een Vlaming in de hoofdrol.
Binnenbreken in de administratie
In Vlaanderen zijn de sleutelposities inmiddels stevig ingenomen. Trudo Motmans werd voorzitter van VDAB, de Antwerpse schepen Koen Kennis leidt de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV) en Lantis, terwijl Muyters’ netwerk van Voka-investeerders de gelederen versterkt. Deze strategische posten bieden de N-VA niet alleen zicht op investeringen en infrastructuur, maar ook directe invloed op economische projecten van nationaal belang.
Mars naar federaal niveau
Nu De Wever premier is, wordt dezelfde strategie op Belgisch niveau doorgetrokken. De N-VA claimt economische sleutelposten in de federale administratie: het gouverneurschap van de Nationale Bank, de leiding van SFPIM en het agentschap Hedera, dat de middelen van Engie beheert voor de opslag van nucleair afval. Namen als Sven De Neef en Francis De Meyere worden genoemd als potentiële kandidaten voor deze strategische functies.
Via SFPIM en het defensiefonds wil de partij bovendien invloed uitoefenen op de Belgische defensie-industrie. Bij energiebeheerders en nucleaire instellingen krijgt de N-VA eveneens de sleutelposten in handen, waarmee strategische beslissingen over energievoorziening en kosten rechtstreeks in Vlaamse handen komen.
Realpolitik als leidraad
Kamervoorzitter Peter De Roover beschrijft de aanpak als pragmatisch: “If you can’t beat them, join them.” Waar hij vroeger anti-Belgisch was, ziet hij nu in dat macht binnen het Belgische systeem noodzakelijk is om Vlaamse belangen te behartigen. De Wever benadrukt het belang van realpolitik: een sterke positie in economische en administratieve kernfuncties maakt beleidsvoering mogelijk en verzekert invloed voor de N-VA.
Wat hebben we vandaag geleerd?
De N-VA’s greep op economische sleutelposities illustreert een bewuste strategie: consolideren, expertise binnenhalen en administraties doordringen. Het is een systematische uitbreiding van macht die van Vlaanderen tot Brussel en nu tot het hart van de federale economie reikt. Waar de partij eerder beperkt bleef tot politieke dossiers, heeft ze nu de instrumenten om daadwerkelijk de richting van de Belgische economie mede te bepalen.
(Foto: Didier Lebrun/Photo News)