Veertien jaar, een waterpistool, twee euro tol: Frankrijk heeft deze zomer geen terrorist nodig om zich belachelijk te maken.
Hij luister naar de oer-Franse naam Hamza F., noemt zichzelf met enige trots 'La Douane', en heeft van de oevers van het Canal Saint-Martin zijn persoonlijke belastingparadijsje gemaakt. Wie passeert, betaalt twee euro "tol". Wie weigert, krijgt een douche met een waterpistool, wordt uitgescholden of mag hopen niet in het kanaal te belanden. Alles wordt gefilmd. Alles belandt op TikTok en Snapchat. En alles levert applaus op.
Niet omdat het grappig is, maar omdat vernederen tegenwoordig content heet.
De jongen loopt al maanden de spot te drijven met voorbijgangers, jaagt fietsers op, duwt zonnebaders in het water, beschadigt auto's, pest agenten en ontsnapt zelfs na een arrestatie door doodleuk het kanaal in te springen. De politie mag achter hem aan hollen als figuranten in een film van Louis de Funès.
Zelf vindt hij het allemaal schitterend.
Een verblijf in de cel? "Best aangenaam. Er was airco."
Dat ene zinnetje zegt misschien meer over de toestand van onze samenleving dan duizend beleidsnota's.
Twee euro afpersing blijft... afpersing
Op sociale media wordt het allemaal verpakt als een kwajongensstreek. Een mollige tiener met een waterpistool die mensen natspuit. Funny, toch? Wat valt daar nu over te neuten?
Wel, dit:
Hij eist geld van onbekenden. Hij intimideert wie niet betaalt. Hij gebruikt groepsdruk om slachtoffers te vernederen. Hij beschadigt eigendommen. Hij valt mensen lastig die gewoon door de stad wandelen.
Dat heet geen grap.
Dat heet afpersing, intimidatie en vandalisme.
Het bedrag doet niets ter zake. Of je nu twee euro afneemt of tweeduizend, het principe blijft hetzelfde: iemand betaalt omdat hij anders problemen krijgt.
Waar zijn de ouders?
Nog verbijsterender zijn de reacties uit zijn eigen omgeving.
Zijn vader verklaart doodleuk dat zijn zoon "niemand kwaad doet" en blij mag zijn dat hij buiten speelt. Zijn moeder zou amper weten waarmee haar zoon zijn dagen vult.
Dat roept een eenvoudige vraag op: waar zijn de volwassenen?
Wanneer is opvoeden ingeruild voor wegkijken? Sinds wanneer is het voldoende dat een kind geen Playstation speelt om vervolgens complete stadswijken te mogen terroriseren?
Ooit gold nog het gezegde dat een heel dorp nodig is om een kind op te voeden. Vandaag lijkt een heel dorp vooral druk bezig om filmpjes van datzelfde kind te liken.
De staat kijkt toe
Ook justitie slaat geen deuk in een pakje boter.
Hamza werd al meermaals opgepakt. Hij staat telkens even snel opnieuw buiten dankzij de jeugdwetgeving. Kennelijk heeft hij goed begrepen hoe het systeem werkt. Hij lacht er openlijk mee en maakt er zelfs deel uit van zijn online imago.
Een overheid die niet eens een veertienjarige kan overtuigen dat regels gevolgen hebben, krijgt vroeg of laat een generatie die ervan uitgaat dat regels optioneel zijn.
Een eigen moreel kompas lijkt steeds vaker vervangen door het aantal views op sociale media. Respect moet plaatsmaken voor bereik. Grenzen worden pas interessant wanneer je ze kunt overschrijden terwijl iemand filmt.
Misschien heeft onze samenleving uiteindelijk geen nieuwe apps, influencers of opvoedkundige modellen nodig.
Misschien volstaat een ouderwetse handleiding waarin kinderen opnieuw leren dat je van andermans spullen afblijft, geen mensen intimideert en gezag niet uitsluitend ziet als decor voor een TikTok-filmpje.
Dat waren ooit geen revolutionaire ideeën.
Dat heette gewoon opvoeding.
(Foto: TikTok)