Zij-instromers in het Vlaamse onderwijs moeten duizenden euro's terugbetalen nadat hun anciënniteit niet werd erkend.
Zij-instromers die de sprong maken van de privésector naar het onderwijs in Vlaanderen staan voor een onaangename verrassing. De belofte dat hun anciënniteit uit de privésector volledig erkend zou worden bij hun nieuwe carrièrepad blijkt in de praktijk problemen op te leveren. Dit leidt ertoe dat sommigen duizenden euro's aan te veel ontvangen loon moeten terugstorten.
Een cruciale maatregel van de vorige Vlaamse regering moest zij-instromers aanmoedigen door hun ervaring in de privésector mee te laten tellen voor een hoger aanvangssalaris. Hierdoor konden zij-instromers acht tot vijftien jaar anciënniteit meenemen en dus een beter loon tekenen dan een startende leerkracht.
Oorzaak van de Terugvorderingen
De situatie is echter complexer dan gedacht. Voor zij-instromers die in het verleden meer dan 105 dagen in het onderwijs hebben gewerkt, beschouwt de administratie deze mensen niet langer als nieuwkomers. Dit betekent dat zij terugvallen op een startersloon, ongeacht hun ervaring elders. De financiële impact is groot: sommigen ontvangen terugvorderingsbrieven met bedragen tot bijna 7.000 euro.
Verwarring en Financiële Belastingen
Het agentschap voor Onderwijsdiensten, AGODI, heeft inmiddels voor 2024 in totaal maar liefst 10 miljoen euro aan te veel betaalde lonen teruggevraagd. Dit komt neer op gemiddeld 1.536 euro per betrokkene. Leerkrachten zoals Charis Van Looveren zijn ontmoedigd; zij moet nu een startersloon accepteren omdat haar anciënniteit niet wordt erkend, wat haar maandelijks netto 400 euro minder oplevert.