Jan Jambon is nog niet aan zijn nieuw patatjes.
Binnen de federale meerderheid groeit de druk om de pensioenhervorming van minister Jan Jambon op enkele punten aan te passen. CD&V pleit ervoor het aantal zogenaamde “pechdagen” te verhogen, om te vermijden dat vooral vrouwen disproportioneel getroffen worden door de pensioenmalus.
Die malus verlaagt het pensioen van wie vervroegd uitstapt zonder voldoende effectieve loopbaanjaren. Concreet moet een werknemer jaarlijks minstens 156 dagen gewerkt hebben. Wie daar net onder blijft, kan vandaag vijf pechdagen inzetten om dat tekort op te vangen. Volgens CD&V is dat aantal echter onvoldoende om over een volledige carrière betekenisvol te zijn.
Het standpunt van de partij wordt versterkt door het recente advies van de Raad van State, dat waarschuwt dat de regeling in haar huidige vorm een aanzienlijk grotere impact zal hebben op vrouwen dan op mannen. CD&V vraagt daarom dat het aantal correctiedagen wordt uitgebreid, zodat korte onderbrekingen in een loopbaan minder snel tot pensioenverlies leiden.
Ook Vooruit wil aanpassingen
Niet alleen CD&V wil bijsturen. Coalitiepartner Vooruit dringt aan op een andere correctie: landingsbanen zouden volgens de socialisten nooit mogen meetellen bij het plafond op gelijkgestelde periodes.
Vanaf 2027 wil de regering immers het aandeel periodes waarin niet gewerkt wordt maar wel pensioenrechten opgebouwd worden – zoals ouderschapsverlof of werkloosheid – beperken. Voor jongere generaties ligt dat plafond op 20 procent van de loopbaan. Wie daarboven uitkomt, bouwt minder pensioen op.
Volgens Vooruit dreigt dat mensen te treffen die aan het einde van hun carrière bewust minder gaan werken, of eerder in hun loopbaan verplicht deeltijds of onderbroken werk hadden. Landingsbanen kunnen in de huidige plannen het verschil maken tussen een volledig pensioen en een lagere uitkering.
Budgettaire logica van Jambon botst op sociale realiteit
De regering verdedigt de hervorming als noodzakelijk om het pensioenstelsel financieel houdbaar te houden en de band te versterken tussen gewerkte jaren en betaalde bijdragen. Niet-gewerkte periodes kunnen vandaag in sommige gevallen immers tot een gunstiger pensioen leiden dan effectief werken aan een laag loon, wat volgens het kabinet moeilijk te verantwoorden valt.
Maar de politieke discussie verschuift intussen van de grote principes naar de concrete uitwerking. Waar de regering mikt op budgettaire discipline, proberen coalitiepartners de sociale randen van de hervorming af te vijlen. Voor N-VA gaat het om cijfers, niet om mensen.
Vandaag buigt de federale kern — met daarin de vicepremiers — zich opnieuw over de pensioenhervorming van minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA). Volgens betrokkenen verlopen de gesprekken en technische bijsturingen na het advies van de Raad van State zonder grote schokken, maar een definitief politiek akkoord wordt deze week doorgaans nog niet verwacht.
(Foto: Philip Reynaers/Photo News)