Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Hoeveelheidskorting op crematies: marktlogica botst op ethiek

Redactie - 03-03-2026

Over lijken.

Een lichaam als volume-eenheid. Dat is de kern van de controverse rond crematoriumgroep Pontes, die een “hoeveelheidskorting” invoerde voor begrafenisondernemers. Wie jaarlijks meer dan 300 lichamen aanlevert, krijgt een lager tarief. Boven 700 volgt een extra vermindering.

Zakelijk bekeken is het een klassieke volumekorting. Hoe groter de klant, hoe scherper de prijs. Maar in een sector waar het om overledenen gaat, schuurt die logica onvermijdelijk.

Publieke instellingen, commerciële reflex

De crematoria van Pontes – actief in Antwerpen, Turnhout en Lommel – zijn intercommunales. Publieke instellingen dus, geen private spelers in een vrije markt. Net dat statuut maakt de maatregel gevoelig.

In Vlaanderen wordt ongeveer 80 procent van de overledenen gecremeerd. Het gaat om een stabiele, voorspelbare stroom. Mensen blijven overlijden, ongeacht conjunctuur of crisis. Dat maakt de sector economisch robuust — en dus potentieel lucratief.

Toch geldt specifieke regelgeving: marktverstoring, ongelijke behandeling en commerciële manipulatie rond lijkbezorging zijn wettelijk begrensd. Vlaams minister Hilde Crevits liet dan ook snel weten dat dergelijke volumekortingen onwettig en ongepast zijn. Crematoria zijn geen retailbedrijven, luidt de redenering.

Schaalvoordeel als machtsfactor

De maatregel bevoordeelt vooral grote uitvaartgroepen. Namen als DELA en Sereni beschikken over volumes die de drempels van 300 of 700 crematies per jaar halen. Kleine, lokale ondernemers meestal niet.

Het gevolg is voorspelbaar: schaal wordt een concurrentieel voordeel, en prijszetting kan worden ingezet om marktaandeel te consolideren. De vrees bij kleinere spelers is dat de sector verder concentreert in handen van enkele grote groepen.

Handel in overledenen?

De controverse raakt aan een fundamentelere vraag: mag de logica van bulk en korting worden toegepast op menselijke resten? Economisch is het eenvoudig te verantwoorden — vaste kosten spreiden over grotere volumes verlaagt de prijs per eenheid.

Maar moreel ligt dat anders. Een lichaam reduceren tot een tariefeenheid roept weerstand op. Zeker in een context waar eerder al berichten opdoken over financiële afspraken tussen zorginstellingen en begrafenisondernemers om als eerste een overledene te mogen ophalen.

Het risico is niet alleen marktdistorsie, maar ook reputatieschade voor een sector die bij uitstek draait om vertrouwen en waardigheid.

Markt versus maatschappelijke opdracht

Dat crematoria onderling concurreren op prijs, terwijl ze publiek verankerd zijn, illustreert de spanning tussen maatschappelijke opdracht en economische realiteit. Exploitatiekosten stijgen, infrastructuur moet renderen, en grensregio’s kijken naar goedkopere alternatieven in Nederland.

De vraag is dus minder of er geld wordt verdiend — dat gebeurt in elke dienstensector — maar hoe ver commerciële instrumenten mogen gaan in een domein dat traditioneel buiten de marktlogica werd gehouden.

Een volumekorting op crematies is juridisch betwistbaar en ethisch beladen. Ze confronteert de sector met een ongemakkelijke vaststelling: zelfs in de dood ontsnapt men niet aan de wetten van schaal, prijs en concurrentie. De grens tussen dienstverlening en handel blijkt dunner dan gedacht.

(Foto: AI-P-magazine/grok)

Ethiek Nieuws nationaal Crematorium pontes Crematorium

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken