Eerst wat suiker, daarna de knuppel.
De federale regering onder leiding van N-VA-kopman Bart De Wever heeft de werkloosheidsuitkering in een nieuw, strak neoliberaal pak gehesen. De hervorming leest als een klassieke stok-en-wortelstrategie: wie pas werkloos wordt, krijgt tijdelijk een financieel extraatje toegestopt — maar wie na een jaar nog steeds zonder job zit, mag zich aan een harde landing verwachten. Vooral werklozen zonder kinderen voelen straks de koude adem van de nieuwe besparingslogica in de nek.
De details van de ingreep staan uitgewerkt in de nieuwe programmawet, en die leest als een handleiding voor wie gelooft dat solidariteit een houdbaarheidsdatum heeft.
Startbonus: tijdelijk opkrikken, niet optrekken
Vandaag bedraagt de werkloosheidsuitkering in principe 65 procent van het laatst verdiende loon — met een stevig geplafonneerd maximum. De regering schroeft dat maximumbedrag in de eerste drie maanden tijdelijk op, naar bijna 105 euro bruto per dag. Op maandbasis komt dat neer op 2.719 euro — zo’n 500 euro meer dan nu.
Ook wie uit een lager betaalde job komt, krijgt in die eerste maanden een duwtje: voor hen gaat de uitkering met 10 procent omhoog tijdens de eerste zes maanden. De boodschap is helder: wie net werkloos wordt, mag even op adem komen zonder direct paniek te zaaien aan de keukentafel.
Maar die ademruimte is tijdelijk. Wie daarna niet snel opnieuw de arbeidsmarkt op stapt, komt de beuk erin.
Na drie maanden: afbouwmodus geactiveerd
Vanaf maand vier daalt het uitkeringspercentage al naar 60 procent van het laatst verdiende loon. Tegelijk wordt het maximumbedrag opnieuw wat opgetrokken, met een schamele 11,5 euro per dag — een doekje voor het bloeden. Maar die ‘boost’ stopt abrupt na zes maanden. Vanaf dan daalt het bedrag gestaag, tot het na één jaar volledig losgekoppeld wordt van het vroegere loon.
Wat volgt is een forfaitair bedrag dat veel werkzoekenden nauwelijks boven de armoedegrens houdt — en sommigen er zelfs onder duwt.
Wie geen kinderen heeft, verliest het meest
Voor samenwonenden met kinderen daalt de uitkering na één jaar tot 1.794 euro per maand — dat is zo’n 20 euro minder dan in het huidige systeem. Maar voor wie geen kinderen ten laste heeft, wordt het verlies op slag veel zwaarder. Zij dreigen tussen 312 en 450 euro bruto per maand kwijt te spelen. Alleenstaanden verliezen tot 171 euro bruto.
Het nieuwe systeem is ontworpen om ‘werkonwilligheid’ financieel onaantrekkelijk te maken, maar straft tegelijk een hele groep die vaak géén keuze had. Jonge starters, vijftigplussers, langdurig zieken die opnieuw willen instromen — ze mogen allemaal samen onder de koude douche.
En hoewel er uitzonderingen worden voorzien voor wie een lang arbeidsverleden kan voorleggen, blijven die uitzonderingen beperkt. De boodschap vanuit Wetstraat 16 is glashelder: wie géén kinderen heeft, hoeft ook geen sociaal vangnet te verwachten.
Sociaal bloedbad met politieke toestemming
De kritiek op de hervorming klinkt intussen luider. Het ABVV stapt naar de rechter. De socialistische vakbond noemt de hervorming “asociaal, ongrondwettelijk en economisch schadelijk”. Ook academici trekken de wenkbrauwen op bij de impliciete aanname dat financiële druk altijd leidt tot sneller werk vinden — een stelling die in de praktijk vaak neigt naar wensdenken.
Maar voor De Wever & co is dit een ideologische zege: het klassieke model van onbepaalde werkloosheidsduur — met dalende uitkering, maar wél enige bescherming — wordt ingeruild voor een afgetikte periode van twee jaar, waarin je zo snel mogelijk terug in de tredmolen moet springen. Wie dat niet kan of wil, komt zonder pardon in het sociaal vriesvak terecht.
En dat is exact de bedoeling. Want onder het mom van responsabilisering schuilt een eenvoudige waarheid: deze regering maakt van werkloosheid opnieuw een stigma. Wie valt, krijgt even een hand, maar daarna mag je vooral niet te comfortabel blijven liggen.
Volgens de regering-De Wever ben je als werkloze geen slachtoffer van een arbeidsmarkt die mensen uitsluit, maar een kandidaat-klaploper in afwachting van bestraffing.
(Foto: Didier Lebrun/Photo News)