Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Tegen 2050 moeten alle Vlaamse woningen epc-label A hebben, vandaag voldoet amper 9 procent aan die norm

Redactie - 31-07-2025

Elektrificeren, renoveren en investeren tot je failliet bent.

De Vlaamse regering droomt van een energiezuinige woning voor elke burger tegen 2050, maar het tempo waarmee die ambitie wordt aangepakt, is allesbehalve realistisch. Slechts 9 procent van de woningen voldoet vandaag aan de strengste energienorm. Om de doelstelling te halen, zouden er jaarlijks bijna 125.000 woningen grondig gerenoveerd moeten worden — een verdrievoudiging van het huidige tempo. En dat is, met de huidige middelen en politieke besluiteloosheid, pure fictie.

Energieprestatie: het rapport is ronduit mager

Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) maakte recent een stand van zaken op van het woningpatrimonium. Conclusie: amper één op tien woningen draagt vandaag het epc-label A, het label voor de meest energiezuinige woningen- letterlijk: het ‘energieprestatiecertificaat’. Meer dan een derde bengelt nog altijd onderaan met een E- of F-score. Het aandeel A-woningen stijgt wel, maar slechts met een procentpunt per jaar. Als dat zo doorgaat, haalt Vlaanderen zijn klimaatdoelstelling pas ergens rond 2100.

Er zijn in Vlaanderen ongeveer 3,4 miljoen woningen. Om die tegen 2050 allemaal naar het hoogste label te tillen, moeten er elk jaar 3 procent van de panden aangepakt worden — ofwel een kleine 125.000 renovaties per jaar. Vandaag ligt dat cijfer op minder dan een derde daarvan. En dan hebben we het nog niet over de woningen waar enkel kleine ingrepen gebeuren. Wie echt klimaatneutraal wil gaan, moet muren isoleren, installaties vervangen en het hele verwarmingssysteem herzien.

Afzwakken in plaats van versnellen

Het probleem zit niet alleen bij de eigenaars, maar ook bij de politiek. De vorige Vlaamse regering legde een verplichte route naar label A op voor wie een woning met E- of F-label kocht. Die ‘renovatieplicht’ was een duidelijke boodschap: de lat ligt hoog. Maar de huidige ploeg, onder leiding van minister Melissa Depraetere (Vooruit), versoepelde die norm. Het opgelegde streefdoel van label A werd geschrapt. Nu moeten eigenaars enkel nog naar label D, en dat binnen zes jaar — een veel vagere en minder ambitieuze routekaart.

Volgens energie-expert Maarten De Groote (VITO/EnergyVille) is dat een foute koers. “De oorspronkelijke renovatieplicht was een moedige beslissing,” zegt hij in ‘De Tijd’, “maar wat we nu krijgen, is een stop-en-go-beleid dat alleen maar voor verwarring zorgt.” De nood aan een helder, afdwingbaar pad is volgens hem cruciaal. Een renovatiepaspoort, dat via Europese richtlijnen op komst is, kan daarbij helpen — maar alleen als het gepaard gaat met een duidelijk stappenplan én structurele ondersteuning.

Capaciteit, geen centen

Zelfs al zou de overheid morgen royale subsidies uitdelen om elk gezin gratis te laten renoveren, dan nog zou de versnelling er niet komen. De bottleneck zit bij de bouwsector zelf: er zijn simpelweg niet genoeg vakmensen om het werkvolume aan te kunnen. “Zonder innovatie en schaalvergroting blijven we tegen een muur lopen,” waarschuwt De Groote.

Die schaalvergroting kan volgens hem wél door slim te organiseren. Bijvoorbeeld door renovaties collectief aan te pakken op wijkniveau. Zo kunnen aannemers efficiënter plannen, logistiek stroomlijnen en kosten drukken. Ook prefabricatie en robotisering van repetitieve bouwhandelingen zijn pistes die de sector sneller en goedkoper kunnen maken. Een dure droom.

Premies en pompen

Minister Depraetere wijst in een reactie op de hervorming van ‘Mijn VerbouwPremie’, die zich voortaan richt op de 70 procent laagste en middeninkomens. Voor de laagste inkomens komt daar ook een renteloze lening bovenop. Verder zou de aangekondigde fiscale hervorming — met o.a. een belastingvoordeel voor elektrische verwarming — warmtepompen aantrekkelijker maken. Maar zelfs dat volstaat niet om de fundamentele kloof tussen doel en realiteit te dichten. Want zoals wijlen mevrouw Leemans zei: “geld lenen, kost opok geld.” En wat zou je gaan renoveren als je de laatste winkelkar van de maand niet eens meer kan betalen.

Meer dan een bouwkundige kwestie

De Vlaamse renovatieopdracht is intussen niet langer louter technisch, maar structureel politiek. Het vraagt visie, een langetermijnkader, en vooral: durf. Politieke overmoed om duidelijke deadlines op te leggen, ook als die oncomfortabel zijn. Durf om financiering structureel te koppelen aan prestatie. En durf om door te pakken, ook wanneer de markt hapert. Of?

Met andere woorden: wie het renovatieritme niet wil verdrievoudigen, moet weer met beide voetjes afdalen naar de grond en de klimaatambities halveren. Met hinken op twee benen, bereiken we niets.

(Foto: Bert Van Den Broucke/Photo News)

Nieuws nationaal Epc

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken