Telenet verkoopt flexibiliteit, maar de goedkoopste instapformule verdwijnt. Minister Rob Beenders vraagt onderzoek: “Internet is geen luxeproduct.”
Goedkoper… behalve als je nieuw bent
Telenet gooit zijn strategie om en dumpt de klassieke bundels. In de plaats komt een zogenaamd flexibel systeem waarin klanten zelf hun telecompakket samenstellen. Klinkt als keuzevrijheid, maar wie vandaag nieuw klant wordt, botst meteen op een opvallend detail: het goedkoopste internetabonnement verdwijnt.
De vroegere instapformule van 36 euro per maand wordt geschrapt. De nieuwe ondergrens? 56 euro. Twintig euro extra, verpakt als “meer snelheid en onbeperkt volume”.
Volgens Telenet is er geen sprake van een prijsverhoging. Bestaande klanten mogen hun oude formule behouden. Maar wie vandaag instapt of zijn abonnement wijzigt, heeft geen keuze meer: goedkoper bestaat simpelweg niet meer.
Minister ziet rode vlaggen
Voor minister van Consumentenbescherming Beenders (Vooruit) is dat reden genoeg om de telecomregulator BIPT in te schakelen.
Zijn bezorgdheid is duidelijk: België behoort al tot de duurste telecomlanden van Europa. En wanneer de goedkoopste optie verdwijnt, komt de betaalbaarheid onder druk – zeker voor kwetsbare groepen.
De vraag die op tafel ligt: is dit echte flexibiliteit, of gewoon een prijsstijging in een nieuw jasje?
“Vergelijken mag niet” – zegt Telenet
Telenet zelf spreekt van een misverstand. Volgens het bedrijf kan je de oude en nieuwe formules niet vergelijken, omdat de inhoud verschilt. Meer snelheid, onbeperkt data, meer opties – dus een andere prijs.
Maar dat argument wringt. Want voor een groeiende groep consumenten draait het niet om méér, maar om betaalbaar basisinternet. En net dat instapniveau wordt duurder.
Flexibiliteit of verdoken factuur?
Het nieuwe model laat klanten zelf hun pakket samenstellen. In theorie kan dat goedkoper uitvallen, in de praktijk blijkt het vaak een kwestie van enkele euro’s verschil – naar boven of naar beneden.
Voor sommige bundels stijgt de prijs zelfs. Voor andere daalt die licht. Maar de algemene trend is duidelijk: wie simpel en goedkoop wil, heeft minder opties dan vroeger.
Conclusie: semantiek verandert niets aan de factuur
Officieel is dit geen prijsverhoging. In de realiteit verdwijnt wel de goedkoopste toegang tot internet. En dat is voor veel gezinnen exact hetzelfde.
De discussie gaat dus niet over marketingtermen, maar over een fundamentele vraag: blijft internet een basisdienst voor iedereen, of wordt het stilaan een product waar je steeds dieper voor in de buidel moet tasten?
De regulator mag het nu uitzoeken. Maar voor de consument is de conclusie vandaag al voelbaar – op de maandelijkse factuur.