Een oud Riziv-rapport wordt plots politiek goud. Voor N-VA het bewijs van massaal misbruik, voor critici vooral een zoveelste illustratie van beleid dat vertrekt van wantrouwen.
Bij N-VA is de conclusie snel gemaakt. Een gelekt Riziv-rapport uit 2019, gebaseerd op een steekproef van 290 dossiers, toont aan dat 59 procent van de gecontroleerde arbeidsongeschikten “in theorie” nog zou kunnen werken.
Voor de partij is dat voldoende om de aanval in te zetten op de ziekenfondsen. Fractieleider Axel Ronse spreekt van een schandaal en kondigt een parlementair onderzoek aan. De piste om geld terug te vorderen bij mutualiteiten ligt open op tafel.
Cijfers, grafieken, percentages — het frame staat. België als land van misbruik.
Selectieve verontwaardiging
Wat minder nadruk krijgt: het gaat om een beperkte steekproef, uitgevoerd door inspecteurs, en bovendien een rapport dat jarenlang niet gepubliceerd werd, onder meer wegens discussie over de methodologie.
Maar nuance verkoopt niet. Zeker niet in een politiek klimaat waar sociale zekerheid steeds vaker wordt herleid tot een kostenpost.
Binnen N-VA past het perfect in een breder narratief: wie niet werkt, moet gecontroleerd worden. Wie geld krijgt, moet zich verantwoorden. Wie afwijkt, riskeert sancties.
Welzijn is daarbij geen uitgangspunt, maar een variabele.
Wantrouwen als beleid
De kritiek op de ziekenfondsen is niet nieuw. Volgens N-VA is het systeem structureel fout, omdat controleartsen in dienst zijn van organisaties die tegelijk ook diensten aanbieden aan dezelfde patiënten.
Dat wordt door de partij vertaald naar een vermeend belangenconflict — en dus naar een pleidooi om het hele model te hertekenen.
De boodschap is duidelijk: minder vertrouwen, meer controle. Minder autonomie, meer centrale sturing.
Van sociale bescherming naar risicoanalyse
De cijfers worden zo ingezet als legitimatie voor een bredere koerswijziging. Sociale zekerheid verschuift van bescherming naar screening, van ondersteuning naar selectie.
Dat 59 procent “zou kunnen werken” zegt weinig over de realiteit achter die dossiers: gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid, mentale problematiek, chronische aandoeningen of complexe trajecten richting re-integratie.
Maar in het politieke debat verdwijnen die grijze zones snel. Wat overblijft is een binair verhaal: werken of profiteren.
Politieke strategie botst op realiteit
De roep om hervorming botst voorlopig op coalitiepartners die minder ver willen gaan. CD&V, Les Engagés en Vooruit temperen de ambities om de rol van de ziekenfondsen drastisch in te perken.
Intussen zijn er al mechanismen ingevoerd om mutualiteiten financieel te responsabiliseren. Sancties tot 30 procent van hun werkingsmiddelen zijn mogelijk bij gebrekkige controle.
Maar voor N-VA volstaat dat niet. De partij kiest voor een hardere lijn — met cijfers als hefboom en wantrouwen als vertrekpunt.
De mens achter het dossier
Wat in het debat opvallend afwezig blijft, is de mens achter de statistiek.
Arbeidsongeschiktheid is zelden zwart-wit. Het is een spectrum van situaties waarin medische, sociale en economische factoren door elkaar lopen.
Door dat te reduceren tot percentages, dreigt het beleid zich te baseren op abstracte gemiddelden in plaats van concrete realiteiten.
Of, zoals het steeds vaker lijkt: eerst de cijfers, dan pas — misschien — de mens.
(Foto: Bert Van Den Broucke/Photo News)