De Belgische afvalverwerker Indaver heeft grote plannen. Met een demofabriek in Antwerpen als basis wil het bedrijf op termijn tien nieuwe recyclagefabrieken in Europa neerpoten — maar CEO Karl Huts is eerlijk: Vlaanderen zit wellicht niet in de kaarten.
Al tien jaar werken onderzoekers aan de technologie achter Plastic2Chemicals, het vlaggenschipproject van Indaver. De technologie laat toe om bepaalde kunststoffen — polystyreen en polyolefines — op te werken tot nieuwe grondstoffen van voedselveilige kwaliteit. Yoghurtpotjes, vleesschaaltjes, chipszakken en folies: het zijn producten die we dagelijks hanteren en die na gebruik doorgaans moeilijk te recycleren zijn. Indaver claimt dat zijn technologie dat probleem oplost.
Antwerpen als proeftuin
De demofabriek staat in Antwerpen, maar dat was volgens CEO Karl Huts min of meer toeval. "Dat de demofabriek er in Antwerpen staat, was een dubbeltje op zijn kant", zei hij aan havenmagazine Flows. De investering bedroeg zowat 60 miljoen euro voor één productielijn. Geen klein bedrag, maar wel een bewuste keuze: vanaf 2030 verplicht Europa voedingsproducenten om tien procent van hun verpakking uit gerecycleerd materiaal te maken. Met miljoenen ton aan verpakkingen die jaarlijks in omloop zijn, is dat een enorme markt die gaat opengaan.
Het onderzoek voor de installatie gebeurde niet alleen intern. Indaver werkte samen met drie Vlaamse universiteiten: UGent, UAntwerpen en KU Leuven. Een trots exportproduct van de Vlaamse kenniseconomie, ook al zullen de fabrieken die erop gebaseerd zijn wellicht niet in Vlaanderen zelf komen.
Tien fabrieken, maar niet hier
Huts wil groeien, maar kiest zijn woorden zorgvuldig. Concrete locaties, deadlines of bedragen kan hij voorlopig niet geven. Wel is duidelijk dat de toekomstige fabrieken logistiek moeten kloppen: ze moeten dicht liggen bij zowel aanbod van plastic afval als chemische afnemers. De CEO kijkt naar Rotterdam, industriële regio's in Duitsland, Scandinavië, en clusters in Le Havre, Marseille, Tarragona en Barcelona.
Vlaanderen lijkt weinig kans te maken. Huts wijst op het maatschappelijk klimaat: "Zijn sector ligt nu eenmaal onder een vergrootglas." Een verwijzing naar het verzet van bepaalde organisaties tegen zijn fabrieken in België.
Grote namen als partners
Toch staat Indaver er niet alleen voor. Aan de toeleveringskant sloot het bedrijf contracten af met Citeo (het Franse inzamelingsorganisatie voor verpakkingen) en Fost Plus (het Belgische equivalent). Aan de afnamekant tekenden grote chemiereuzen zoals Trinseo, Ineos Styrolution en TotalEnergies. Dat zijn geen kleine spelers — het geeft het project geloofwaardigheid.
"We blijven ons houden aan het draaiboek", zegt Huts. "We onderzoeken de marktcapaciteiten hier en daar." Voorzichtig, maar vastberaden. Indaver heeft tien jaar onderzoek in dit project gestoken en is niet van plan dat zomaar los te laten.