Greta, of Donald wie zweeft er het meest?
Vandaag om elf uur weten we of Donald Trump de Nobelprijs voor de Vrede krijgt. Het staakt-het-vuren in Gaza wordt wereldwijd bejubeld — terecht, want na twee jaar vallen er eindelijk – bijna – geen bommen meer, kunnen Israëlische gijzelaars terug naar huis en krijgen de inwoners van Gaza even ademruimte. De opluchting is groot. En ja, Trumps rol daarin was cruciaal.
Maar dat maakt hem nog geen vredevorst, laat staan een moreel baken. Trump rook een gelegenheid. Terwijl de Democraten in eigen land struikelen over inflatie en migratie, zag hij een buitenkans om zichzelf te herlanceren als “man van vrede”. De timing van zijn bemiddeling is te perfect om toevallig te zijn — een fraai stukje geopolitiek toneel, geregisseerd met het oog op Oslo.
Van vredesduif tot roofvogel
Dat Trump dit conflict kon beïnvloeden, bewijst vooral hoe groot zijn schaduw is. De Amerikaanse wapens die Israël gebruikte, zijn geleverd onder zijn presidentschap. Netanyahu bleef jarenlang overeind dankzij Trumps onvoorwaardelijke steun. Dat diezelfde Trump nu de rol van vredesduif speelt, is dus even geloofwaardig als een pyromaan die de brandweer opbelt en daarna applaus verwacht.
Zijn beloning – een Nobelprijs – zou vooral symbolisch zijn. Obama kreeg ze ooit ook, nog vóór hij iets had gerealiseerd. Achteraf bleek dat vooral een diplomatieke wensdroom. De Arabische Lente, de opkomst van Islamitische Staat en de Syrische burgeroorlog veegden die droom genadeloos van tafel.
Trump lijkt op weg naar hetzelfde pad: hij brengt tijdelijk rust in het Midden-Oosten, maar ondertussen voedt hij onrust elders.
De stilte rond Oekraïne
Want terwijl Washington zichzelf feliciteert met het bestand in Gaza, is het aan het oostfront oorverdovend stil. Oekraïne, ooit de morele spil van de Westerse solidariteit, is een beetje een vergeten oorlog geworden. De strijd sleept zich voort, de verliezen stapelen zich op, en de westerse steun verliest vaart.
Ooit zei Trump dat hij die oorlog “in 24 uur zou kunnen stoppen”. De realiteit is dat hij dat vandaag nog altijd niet eens een poging doet om hem te stoppen. De man die zich nu opwerpt als vredestichter, blijft opvallend stil wanneer het over zijn vriend Vladimir Poetin gaat. Als Trump écht wereldvrede wil, hoeft hij geen vliegtuig naar Oslo te nemen, maar druk te zetten op Moskou. Daar zou pas blijken of hij meent wat hij zegt.
En Greta – hallo –waar ben je?
En dan is er nog ons Greta Thunberg, de morele stem van een generatie. In haar strijd tegen CO₂, klimaatverraad en Israël weet ze elk podium te vinden, van Davos tot Brussel. Maar richting Oekraïne? Niets. Geen vredesboot, geen protestmars, geen woedende speech aan het front van Charkiv. Misschien is het daar te koud. Of misschien past die oorlog niet goed in haar narratief van “systeemverandering”.
Toch heeft die oorlog alles met milieu te maken: verwoeste energiecentrales, verbrand graan, chemisch vervuilde rivieren. Een bom heeft een grotere ecologische voetafdruk dan duizend SUV’s. Jammer, maar helaas, het is stil aan de Zweedse overkant. De morele radar van het Westen werkt enkel waar de camera’s draaien.
De spiegel van hypocrisie
Wat de wereld vandaag toont, is een pijnlijke paradox. De vredesduif van het Witte Huis zweeft boven Gaza, maar vliegt met een boog om Kiev heen. Westerse activisten verkondigen morele zuiverheid, maar vermijden de plekken waar het echt gevaarlijk wordt.
Trump verdient misschien lof voor zijn bemiddeling, maar vrede is meer dan een fotomoment. Zolang Rusland Oekraïense steden bombardeert en het Westen wegkijkt, is elke Nobelprijs voor vrede een medaille met een barst.
(Foto: AI/P-magazine)