Marc Van Ranst heeft een probleem. Niet met ebola. Niet met het hantavirus. Niet met ‘rechts’. Of jawel, wel met ‘rechts’, maar daar gaat het hier niet over. Hij heeft het over het feit dat de media zijn naam gebruiken wanneer er iets gebeurt in het instituut waar hij werkt, ocharme.
Dat blijkt uit een lang interview in De Morgen waarin de bekendste viroloog van Vlaanderen uitgebreid zijn versie geeft van het conflict rond het Rega-instituut, en waarin hij uitlegt dat hij den braafste van allemaal is en dat het allemaal de schuld van Piet Maes is. Daarbij stoort hij zich vooral aan het feit dat sommige media het dossier ophangen aan zijn persoon.
En daar begint de ironie. Want als er één wetenschapper is die de voorbije jaren bewust heeft meegebouwd aan een publieke persoonlijkheid die veel groter is geworden dan zijn functieomschrijving, dan is het Marc Van Ranst wel.
Tijdens corona was hij niet zomaar een viroloog. Hij was een merk. Een vaste gast in praatprogramma's. Een vaste stem in kranten. Een vaste aanwezigheid op sociale media. Soms kreeg je de indruk dat er ergens in Vlaanderen een camera werd aangezet en Van Ranst spontaan uit een struik verscheen.
Ons land werd verdorie geregeerd door Marc Van Ranst. Dat was geen toeval. Dat was ook geen complot van journalisten. Dat was deels een bewuste keuze. Wie jarenlang de publieke arena opzoekt, opiniestukken schrijft, columns publiceert, debatten voert en overal zijn mening geeft, wordt vroeg of laat meer dan een wetenschapper. Hij wordt een publieke figuur.
En publieke figuren krijgen iets terug wat ze meestal minder graag hebben: publieke aandacht wanneer het tegenzit. Dat betekent niet dat de berichtgeving over het Rega-dossier noodzakelijk correct of incorrect was. Dat betekent niet dat Van Ranst ongelijk heeft.
Het betekent alleen dat zijn verbazing een beetje vreemd overkomt. Tom Waes kan moeilijk verbaasd zijn wanneer een verkeersongeval met Tom Waes nieuws wordt.
Bart De Wever kan moeilijk verbaasd zijn wanneer een intern partijconflict aan Bart De Wever wordt gekoppeld.
En Marc Van Ranst kan moeilijk verbaasd zijn wanneer een conflict binnen een instituut waar Marc Van Ranst werkt, gekoppeld wordt aan... Marc Van Ranst.
Dat is geen samenzwering. Dat is bekendheid. Wat het interview vooral duidelijk maakt, is dat Van Ranst zichzelf nog altijd vooral ziet als wetenschapper. Maar een groot deel van Vlaanderen ziet hem al lang anders.
Voor zijn voorstanders is hij de man die er eigenhandig voor zorgde dat de mensheid niet is uitgestorven tijdens corona. Voor zijn tegenstanders is hij zowat persoonlijk verantwoordelijk voor elke mondmaskerplicht, avondklok en gemiste kerstviering. Of dat eerlijk is, doet eigenlijk niet ter zake. Dat is de prijs van jarenlang in de schijnwerpers staan.
Het opvallendste aan het interview is dan ook niet wat Van Ranst zegt over Piet Maes. Het opvallendste is dat hij nog steeds verrast lijkt dat zijn naam nieuwswaarde heeft. Terwijl precies die nieuwswaarde hem jarenlang de meest geciteerde viroloog van het land heeft gemaakt.
Wie graag in het middelpunt van het plein staat wanneer iedereen applaudisseert, ontdekt vroeg of laat dat hetzelfde plein er ook nog ligt wanneer er boegeroep weerklinkt.