Annelies krijgt billenkoek van haar collega’s.
Als je met je rug tegen de muur staat, kan je twee dingen doen: zwaijgen en stilzitten of uithalen. Minister van Justitie Annelies Verlinden (CD&V) koos als een echte tjeef gisteren in de Kamer voor dat laatste. In een bitsige woordenwisseling over het inschrijvingsbeleid in Aalter – het paradepaardje van partijgenoot en ex-kolonel Pieter De Crem – beet ze stevig van zich af. Maar of ze veel potten brak? Nauwelijks. Wat vooral brak was het geduld van de oppositie én de geloofwaardigheid van het verhaal dat ze "van niets wist".
De Crem, CD&V en de gemeentelijke etnische wachtrij
De feiten zijn intussen gekend: in Aalter werd jarenlang een soort administratieve apartheid toegepast. Wie geen Belg was, moest bij een adreswijziging tot negen keer langer wachten dan zijn Vlaamse buur met identiteitskaart. De niet-Belgen werden standaard onderworpen aan extra woonstcontroles – een Kafkaiaans proces dat maanden kon duren. Het systeem werd intern verdedigd als “veiligheidscontrole”, maar extern afgeschilderd als “onwettig” en “discriminerend” door zowat elke expert die nog weet hoe de grondwet werkt.
De politieke verantwoordelijke zat al die tijd gewoon op het kabinet van Binnenlandse Zaken: Annelies Verlinden. Alleen beweert ze dat ze er niets van wist. Niet van het systeem. Niet van de klachten. Niet van de mails. Niet van de waarschuwingen. Niet van het feit dat haar adjunct-kabinetchef op de hoogte was. En blijkbaar ook niet van de geur van politieke rot die intussen tot in het parlement stijgt.
“Ik laat mij niet afleiden door theatrale tussenkomsten”
Dat was de repliek van Verlinden op de vragen van Groen-Kamerlid Matti Vandemaele, die op zijn beurt dan weer niet werd afgeleid door het charmeoffensief van de minister. Zijn boodschap was vlijmscherp: "Uw antwoord is hallucinant. CD&V wil dit in de doofpot steken. Als discriminatie echt zo belangrijk was voor jullie, dan zou De Crem vandaag geen burgemeester meer zijn. Niemand in deze zaal gelooft u nog, mevrouw de minister."
Verlinden hield voet bij stuk: ze heeft alle mails vrijgegeven, ze doet aan politiek "vanuit oprechte overtuiging" en ze verdedigt "de fundamentele waarden van deze samenleving". Wat ze níet verdedigde: waarom haar kabinet het maandenlang liet betijen in Aalter, waarom niemand op het ministerie een wenkbrauw optrok en waarom die fundamentele waarden blijkbaar halt houden aan de taalgrens van de gemeente.
Van Tigchelt: “U hebt een probleem. Links of rechtsom.”
Ook Open VLD’er Paul Van Tigchelt maakte korte metten met Verlindens defensieve pirouettes. Hij legde het voor haar in twee heldere scenario’s:
Ze wist het wél en loog daarover in het parlement. → “Dan hebt u een groot probleem.”
Ze wist het niet en werd in het ongewisse gelaten door haar eigen kabinet. → “Dan hebt u óók een probleem.”
In beide gevallen is de boodschap dezelfde: ofwel is Verlinden medeplichtig, ofwel incompetent. Er is geen derde weg. En in beide versies ziet ze er niet bepaald als ministerieel meesterschap uit. Zeker niet als je weet dat haar voormalige collega Nicole de Moor (CD&V, Asiel en Migratie) wél op de hoogte was. Kortom: er werd wel degelijk gepraat binnen de partij, maar blijkbaar niet met de minister zelf.
Hoorzittingen, of theater in vier bedrijven?
Van Tigchelt eist daarom hoorzittingen, en niet de vrijblijvende variant. “Als u het meent dat u structureel racisme niet onder de mat wil vegen, dan nodigt u zichzelf uit op die hoorzittingen.” Een uithaal die aankwam als een rechte hoek. Want de enige manier waarop Verlinden haar geloofwaardigheid nog kan redden, is door volledige transparantie te eisen — ook over haar eigen rol.
Maar net daar wringt het tjeven-schoentje. De partij lijkt eerder geneigd om de zaak onder het Perzische tapijt te schuiven dan om intern de bezem door het verleden te halen. En zolang De Crem in Aalter als burgemeester op zijn post mag blijven zitten, blijft dat politiek brandgevaarlijk.
Verlinden nog niet op de wip, maar wel op glad ijs
Of de affaire Verlinden finaal ten val brengt? Waarschijnlijk niet. Daarvoor is CD&V te gepokt en gemazeld in politieke brandjes blussen. Maar het incident is wél een kras op het imago van een partij die zichzelf graag profileert als fatsoenlijk, christelijk en verantwoordelijk. Wat het vooral laat zien: dat men binnen de partij liever wegkijkt dan recht in de ogen kijkt van het eigen falen. Samengevat CD&V gedraagt zich gewoon als de CVP.
Annelies Verlinden overleeft het vandaag nog wel. Maar dat doet de geloofwaardigheid van het Belgische inschrijvingsbeleid niet. En de federale antidiscriminatieretoriek evenmin.
Wat weegt er straks zwaarder in Aalter — de Belgische nationaliteit, of de partijkaart van De Crem? We zijn benieuwd, mijnheer Mahdi.
(Foto: Bert Van Den Broucke/ /Photo News)