Defensie wil toegang tot gegevens uit het bevolkingsregister om jongeren van zeventien jaar te benaderen voor een jaar vrijwillige legerdienst.
De Raad van State heeft een streep gezet door het plan om adressen van minderjarigen beschikbaar te stellen ten behoeve van wervingsbrieven voor de legerdienst. Dwars tegen wat sommigen als onbezonnen ambitie betitelden — en naar verluidt aangewakkerd door Theo zelf — blijkt die beleidsinjectie juridisch onverdedigbaar.
Wat gebeurde er?
Minister Theo zou via wetgeving of administratief besluit gepoogd hebben om persoonsgegevens van minderjarigen — méér zelfs, hun woonadressen! — te gebruiken als ingang voor militaire rekruteringscampagnes. Een open deur richting ethische én wettelijke discussie. De Raad van State wimpelde het plan resoluut af: het gebruik van deze gevoelige gegevens is niet verenigbaar met privacyregels en bescherming van kinderen. Het advies luidt dus: niet doen.
Waarom is dit zo ernstig?
- Privacy terecht onschendbaar – Het gaat hier om minderjarigen, een kwetsbare groep waar de wetgever strikte bescherming oplegt.
- Militarisering van opvoeding – Werving via ouders of instellingen is al gevoelig genoeg. De stap naar ongefilterde toegang tot privé-adressen van kinderen? Een brug te ver.
- Juridisch slecht onderbouwd – Volgens de Raad van State ontbreken voldoende juridische gronden voor deze inbreuk op persoonsgegevens.
Dus?
Met dit negatief advies heeft de Raad van State Theo’s ronselambities hard en duidelijk teruggefloten. Geen spectaculaire chaos, maar wel een duidelijke norm: wie het fundament van rechtsstaat en privacy onderuithaalt, botst op het hoogste juridische niveau. Moeten we onze jongens straks laten sneuvelen ‘in den vreemde’? Blijkbaar zijn de Brusselse ambities niet zo ver reikend als sommige ronselaars dromen. De Raad houdt de deur dicht.
(Foto: Bert Van Den Broucke/ /Photo News)