In Gent is een jongeman vrijgesproken van verkrachting, ondanks de geloofwaardige getuigenissen van het vermeende slachtoffer. De rechtbank vond het beschikbare bewijs onvoldoende.
Een recente uitspraak in Gent heeft voor opschudding gezorgd nadat een jongeman werd vrijgesproken van verkrachting, ondanks de overtuigende getuigenis van een jonge vrouw. De vrouw stelde dat zij te dronken was om in te stemmen met seksuele handelingen, maar de rechtbank oordeelde dat er geen objectief bewijs was om haar beweringen te ondersteunen.
Volgens de verklaringen van het slachtoffer werd zij op de kamer van de beklaagde ongewenst betast en tot seksuele handelingen gedwongen. Ze beweerde dat haar staat van dronkenschap haar vermogen om toestemming te geven aanzienlijk had aangetast. Deze beweringen kregen echter geen grondslag in de rechtbank, aangezien er geen objectieve bewijzen zoals camerabeelden of medische rapporten waren.
De openbaar aanklager en de rechter erkenden dat de persoonlijke getuigenissen geloofwaardig waren, maar benadrukten het belang van objectief bewijsmateriaal in strafrechtelijke procedures. De uitspraak heeft geleid tot discussies over het belang van bewijs in zaken van seksueel geweld, waar vaak weinig fysiek bewijs aanwezig is.