Politieke storm in Frankrijk na harde boodschap van legerchef: “Ook het verlies van onze kinderen moeten we aanvaarden.”
Frankrijk, aan het woord stafchef Fabien Mandon: "We hebben alle kennis, alle economische en demografische kracht om het regime in Moskou te ontmoedigen om verder zijn kans te wagen. Waar het ons aan ontbreekt, is de mentale kracht om te aanvaarden onszelf pijn te doen om te beschermen wie we zijn. Als ons land terugdeinst omdat het niet bereid is het verlies van zijn kinderen te aanvaarden - want we moeten de dingen benoemen -, en om economisch te lijden, dan lopen we gevaar."
Zijn discours weekte felle reacties los, zowel in tv-debatten als in de politiek. De oppositie, vooral uiterst links en uiterst rechts, verwijt de regering van president Emmanuel Macron zich voor te bereiden op een oorlog met Rusland.
Maar er is meer
De commotie in Frankrijk over de uitspraken van stafchef Fabien Mandon legt een breder Europees spanningsveld bloot: de heropstanding van militair denken in een samenleving die daar allang van ontwend is. De Fransen reageerden verontwaardigd, politici sprongen overeind, en de minister van Defensie mocht meteen brandjes blussen.
Maar achter die Franse rel schuilt een vraag die ook in België almaar luider weerklinkt: voor wie of wat zou een nieuwe generatie moeten sneuvelen?
De Franse generaals zijn klaar, maar is de samenleving dat ook? Het leverde dan wel scherpe politieke reacties op, toch zet de Franse regering door: een nationale risicogids, waarschuwingen in het parlement, en het herhaald signaal dat de samenleving zich moet wapenen voor “instabiliteit”.
Ook bij ons klinkt de marsmuziek
De Belgische discussie volgt dezelfde lijn, zij het hypocrieter. De nieuwe vrijwillige dienstjaren voor 17-jarigen, het openlijk spreken over “weerbaarheid”, het benadrukken dat jongeren zich opnieuw moeten voorbereiden op crisissituaties — het kader is aan het schuiven.
Precies daarom viel de recent heropgeflakkerde kritiek van acteur en activist Dirk Tuypens op Theo Francken bijzonder op zijn plaats. Die wees erop dat sommige politici wel erg vlot spreken over een generatie die “klaar moet staan”, terwijl zijzelf veilig aan de onderhandelingstafel zitten. Zijn analyse, als verontwaardigde vader, was helder: politici mogen niet rekenen op de kinderen van andere mensen om hun strategische spierballentaal waar te maken.
De vraag is dus minder of Europese legers klaar zijn, maar wie bereid wordt geacht om de prijs te betalen.
IJzervreters en realiteit: een ongemakkelijke combinatie
Of het nu de Franse stafchef is die zegt dat ouders het verlies van hun kinderen moeten “aanvaarden”, of Belgische politici die beweren dat jongeren “hun verantwoordelijkheid moeten nemen”: de retoriek schuift langzaam naar een mentaliteit die we decennia niet meer hoorden. Het is militair denken dat botst met een samenleving die — gelukkig — niet gewend is aan het idee dat zonen en dochters ruilmiddelen zijn in geopolitieke strategieën.
Het is verontrustend te horen hoe gemakkelijk sommigen vanuit de Wetstraat spreken over opoffering. Niet zij, niet hun kinderen, maar de jongeren elders in het land worden geacht mentaal klaar te staan voor scenario’s die niemand openlijk durft te benoemen.
Wie offert wie?
Politici als Fabien Mandon in Frankrijk en Theo Francken in België hebben één ding gemeen: ze houden van retoriek waarin anderen de prijs betalen. Het verlies van kinderen wordt plots een abstract concept, een kwestie van “mentale kracht” of “strategische noodzaak”. Maar wie legt uit wat er echt op het spel staat? Wie vertelt onze jongeren dat ze mogelijk het front moeten betreden, terwijl de stoere leiders veilig aan hun bureau blijven zitten?
Tot die helderheid er is, blijft het wapengekletter vooral klinken als wat het is: retoriek met andermans bloed als budgetpost.
(Foto: Bert Van Den Broucke/ /Photo News)