Volgens een nieuwe studie heeft bijna de helft van de mannen tussen 18 en 25 jaar nog nooit een vrouw aangesproken om haar uit te vragen.
Niet in een café, niet op straat, niet eens aan de bushalte. Nul komma nul. Dat cijfer klinkt absurd, maar het verklaart ineens waarom veel jonge mannen vandaag meer tijd spenderen aan het optimaliseren van hun Tinder-bio dan aan het onderhouden van oogcontact.
Flirten is een uitstervende kunstvorm geworden.
De oorzaken? Simpel. Eerst en vooral, de smartphoneverslaving. Jongeren groeien op in een wereld waarin elk sociaal risico kan worden weggefilterd met een veegbeweging.
Geen klik? Weg ermee. Geen ongemakkelijke stilte, geen zweetoksels, geen afwijzing. Alleen dopamine-shotjes in HD-kwaliteit. Het gevolg is een generatie die wél weet hoe je een filter kiest, maar niet meer hoe je “hallo” zegt zonder emoji.
Ze leren daten zoals ze leren rijden, in een simulator, zonder kans op een echte botsing… of op een blauwtje te lopen.
En dan is er nog de andere kant van het spectrum, het hypergevoelige klimaat waarin flirten al snel wordt gezien als grensoverschrijdend gedrag.
Jongeren die opgroeien met slogans als “respecteer mijn space” durven amper nog te vragen of iemand die space wil delen aan een koffietafel. De angst om als engerd bestempeld te worden, is groter dan de drang om een gesprek te beginnen.
Combineer dat met sociale media die elke sociale misstap viraal maken, en je krijgt de perfecte storm, mannen die liever niks zeggen dan iets verkeerd zeggen.
Het resultaat is een generatie die alles heeft, behalve (een) l(i)ef.
Mannen, misschien wordt het tijd dat we onze telefoons even neerleggen, onze ballen weer vinden, en iets ouderwets doen… iemand gewoon aanspreken. In het echt.
Kortom, breng de innerlijke Ruben Van Gucht naar boven.