De 52ste editie van Film Fest Gent sloot zondag haar deuren met een indrukwekkende bezoekersaantallen en een programma dat de polarisatie weerstaat.
Na tien dagen van cinematografische ontdekkingen viel afgelopen zondag het doek over de 52ste editie van Film Fest Gent. De slotfilm 'Urchin' van Harris Dickinson markeerde het einde van een festival dat meer dan 100.000 filmliefhebbers trok. Dit jaar stond het festival in het teken van films die oproepen tot weerstand tegen polarisatie, met een bijzondere aandacht voor thema's rond LGBTQIA+-rechten.
Het festival opende met de film 'Julian' van de jonge regisseur Cato Kusters, die met haar 26 jaar de jongste filmmaker ooit werd die het Gentse filmfestival mocht openen. Haar film, die ook de Jo Röpcke Award won, werd geprezen als een 'ode aan liefde als daad van verzet'. Programmadirecteur Wim De Witte benadrukte het belang van liefde in tijden waarin rechten van de LGBTQIA+-gemeenschap onder druk staan.
Met een divers programma van 120 langspeelfilms, 36 kortfilms, twee televisieseries en twee VR-projecten wist Film Fest Gent wederom te groeien in aanbod en belang. Een groeiend aantal bezoekers koos voor een 5- of 10-rittenkaart, wat wijst op een toenemende loyaliteit en interesse in het filmfestival, volgens de organisatie.
Marijke Vandebuerie, algemeen directeur van het festival, benadrukte de krachttoer van het organiseren van zo'n omvangrijk evenement. 'Het is een bewijs van wat bewogen kan worden door een festival dat films presenteert die een belangrijke boodschap dragen', aldus Vandebuerie over de succesvolle editie.