Jetten en Wilders shockeren ontwaakt Nederland.
Nederland warmt zich op voor de verkiezingen van woensdag, en dat doet het in typische Hollandse stijl: met debat, spektakel en een paar onhandige uitschuivers voor de geschiedenisboekjes.
Jetten en de opmerking die niemand vroeg
D66-leider Rob Jetten (38) – geknipt en gekapt als de gladde ieale schoonzoon - leek even te vergeten dat er camera’s draaiden én dat het jaar 2025 is. Tijdens een verkiezingsdebat voor 2.000 studenten wilde hij het leger een duwtje in de rug geven door te verwijzen naar kroonprinses Amalia, die sinds kort wordt opgeleid tot militair reservist.
“Dat is de beste reclame die Defensie zich kan wensen,” zei hij opgewekt. “Want dan kan je zomaar met de kroonprinses in militaire training belanden. Ik gok dat een aantal kerels hier in de zaal daar wel zin in hebben.”
Het duurde exact drie seconden voor debatleider Suzanne Bosman hem publiekelijk terechtwees: “Wat is dat voor een seksistische opmerking?”
Jetten krabbelde terug, zei dat hij het “heel stoer” vond van de prinses en dat ze “een mooi voorbeeld stelt”. Maar de schade was aangericht. Ga jij je mond maar eens wassen met zeep Robje.
Wilders en de export van honger
Ook Geert Wilders (PVV) wist de aandacht naar zich toe te trekken – niet met tact, maar met de finesse van een sloophamer. In zijn pleidooi om de btw op boodschappen te verlagen naar nul procent, legde hij uit waar hij het geld vandaan zou halen: door de ontwikkelingshulp stop te zetten.
“Dan hebben ze misschien iets meer honger in Afrika, maar hier niet,” zei Wilders zonder verpinken.
De zaal reageerde eerst met gelach, daarna met ongemak. De zin klonk als satire, maar het was bittere ernst. De PVV-leider verdedigde zijn stelling met de redenering dat “Nederlanders eerst” moeten komen – een slogan die intussen even afgevlakt is als zijn haarlijn.
Campagne met losse flodders
Met nog twee dagen te gaan voor de vervroegde parlementsverkiezingen lijkt de toon gezet. Jetten probeerde zichzelf te verkopen als de progressieve vernieuwer, maar trapte in een val van zijn eigen joligheid. Wilders gooide dan weer olie op het vuur dat hem al jaren brandstof levert: polarisatie met een knipoog, cynisme als strategie.
De Nederlandse kiezer krijgt zo een campagne vol oneliners die meer stof doen opwaaien dan inhoud brengen. En ergens, diep in Den Haag, moet iemand zich afvragen of de verkiezingen nog gaan over beleid – of enkel over wie het snelst viral kan gaan met een misstap.
Jetten wilde geestig zijn, maar werd het ongewild onderwerp van het gesprek. Wilders wilde hard zijn, en dat lukte zoals altijd. Wat overblijft, is een land dat woensdag opnieuw naar de stembus trekt – met hoofden vol slogans en een ongemakkelijk gevoel in de maag.
(Foto's: screenshot X)