Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Samen bijna 100 jaar gewerkt, maar Hilda krijgt amper 420 euro pensioen: het lot van de meewerkende echtgenote

Delphine Verfaille - 14-03-2026

Leo (69) en Hilda (69) uit de aardbeienstreek rond Hoogstraten werkten allebei van hun vijftiende. Samen telden ze bijna een eeuw arbeid. Toch ontvangt Hilda vandaag slechts 420 euro pensioen per maand. De reden? Een advies van destijds dat hen duur is komen te staan.

Leo Van Bergen en Hilda Roelen begonnen allebei vroeg. Op hun vijftiende stapten ze de arbeidsmarkt op — zo ging dat in de streek rond aardbeienhoofdstad Hoogstraten, in de provincie Antwerpen. Leo volgde een leercontract, werkte daarna zo'n tien jaar als fabrieksarbeider en startte rond zijn dertigste een eigen tuinbouwbedrijf met aardbeien. Dat deed hij tot zijn 63ste: een loopbaan van 45 jaar. Hilda op haar beurt werkte als huishoudhulp, bij een advocaat, in de farmasector en stapte uiteindelijk mee in het bedrijf van haar man. Ze wroette op het veld tot een zware rugoperatie haar op haar 58ste dwong te stoppen. Tot aan haar pensioen leefde ze van een invaliditeitsuitkering.

Een advies dat duur uitviel

Wanneer hun bedrijf nog maar net op gang was, kregen Leo en Hilda het advies dat Hilda geen sociale bijdragen meer hoefde te betalen als meewerkende echtgenote. Financieel zou dat voordeliger zijn. Ze volgden dat advies op. "Ze zeiden dat er eigenlijk niets veranderde", vertelt Leo. "Maar wat ze er niet bij vertelden, was dat je dan ook geen pensioen opbouwt. Als ze dat destijds duidelijk hadden gezegd, hadden we die bijdragen uiteraard gewoon blijven betalen."

Die periode duurde zo'n tien jaar. En precies die tien jaar maken vandaag het verschil. Hilda betaalde in totaal 29 jaar sociale bijdragen. Eén jaar te weinig voor het minimumpensioen, dat vandaag rond 1.200 euro per maand ligt. "Wat we toen uitgespaard hebben, zijn we nu dubbel kwijt."

Van 1.000 euro naar 420 euro

Het contrast is groot. Tot aan haar pensioen ontving Hilda via de ziekteverzekering zo'n 1.000 euro per maand. Toen ze met pensioen ging, zakte dat eerst naar amper 200 euro. Intussen is het opgelopen tot 420 euro. "Dat hadden we niet zien aankomen", geeft het koppel toe.

Leo ontvangt zelf zo'n 1.700 euro per maand — waar hij nog mee kan leven. Maar het pensioen van Hilda steekt hem. Niet alleen om het bedrag, maar ook om het gebrek aan aandacht voor hun situatie. "Ik heb politici aangeschreven, maar daar komt zelden een reactie op. De groep met voormalige meewerkende echtgenoten die in deze situatie zit, wordt elk jaar kleiner, dus blijkbaar zijn we niet interessant."

Rondkomen dankzij spaarzaamheid en vastgoed

In armoede leven ze niet — dat benadrukken Leo en Hilda zelf. Tijdens hun loopbaan werkten ze hard en leefden ze zuinig. Ze begonnen rond hun veertigste met pensioensparen en kochten een extra woning. De huurinkomsten uit die woning en de grond waar ze vroeger aan tuinbouw deden, leveren hen maandelijks zo'n 1.200 à 1.300 euro op. "Anders zou het moeilijk zijn."

Toch hadden ze het met de kennis van vandaag anders aangepakt. Leo: "Vroeger beginnen met pensioensparen en zeker beter laten uitleggen wat de gevolgen zijn van bepaalde keuzes."

De les voor anderen

Werkexpert Stijn Baert trekt twee conclusies uit hun verhaal. Ten eerste: sociale bijdragen zijn niet zomaar een kost — ze bouwen rechten op. Ten tweede: vraag altijd door naar de langetermijngevolgen van financieel advies, zeker als het gaat om pensioenjaren. Het magische getal blijft 30: wie minder dan dertig jaar bijdragen betaalde, mist het recht op een minimumpensioen.

Leo en Hilda kijken met plezier terug op hun jaren in de tuinbouw. De spijt zit hem niet in het werk, maar in wat er niet gezegd werd toen het er nog toe deed.

Minimumpensioen Hoogstraten * pensioen Meewerkende echtgenote Sociale bijdragen

Reacties

Resterende karakters 500
Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken