“De minister praat, maar hoort niet. Dus zetten wij ons volume wat harder.”
De grootste artsenvakbond van het land, BVAS-ABSyM, heeft voor 7 juli een stakingsaanzegging ingediend. Geen doktersbriefjes, geen dermatologen die moedervlekjes weghalen, geen - je noemt het– tenzij het écht dringend is. De medische wereld haalt haar scalpel boven om een incisie te maken in het beleid van minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit).
De geplande staking is geen opwelling. De artsen hebben het gevoel dat ze genegeerd worden door de man die zich met alle macht opwerpt als de keizer van de gezondheidszorg. Ze noemen het overlegmodel kapotgemasseerd, voelen zich gereduceerd tot geldwolven in de pers, en weigeren nog langer decorstukken te zijn in een toneelstuk waar alleen de minister de regie voert.
Vandenbroucke’s operatie zonder verdoving
Centraal in de onvrede staan Vandenbroucke’s hervormingsplannen. Denk aan het plafonneren van ereloonsupplementen voor niet-geconventioneerde artsen, het afschaffen van de partiële conventie – een regeling die artsen toelaat deels binnen en deels buiten de conventie te werken – en het intrekken van Riziv-nummers bij ernstige overtredingen. Kortom: voor de minister moet het allemaal strakker, zuiniger, controleerbaarder.
Jos Vanhoof, voorzitter van het Vlaams Artsensyndicaat (VAS) en huisarts in Lommel, laat aan Het Laatste Nieuws geen twijfel bestaan over wat er op het spel staat. “De ereloonsupplementen? Dat is de rook. De echte brand woedt bij het overlegmodel. We zijn het moe om doofstomme communicatie te voeren met een kabinet dat zijn eigen gelijk al uitgeschreven heeft voor de eerste vergadering begint.” Volgens Vanhoof is de staking geen doel, maar een noodrem. "Een arts grijpt pas naar drastische middelen als het écht niet anders kan."
Niet zomaar een roep om poen
Wie denkt dat dit conflict louter draait om geld, denkt te simplistisch. Ja, er zijn artsen die de plafonnering van hun ereloonsupplementen voelen als een zure pil. Maar dat is niet het enige ingrediënt van het protest. De artsen klagen over een structureel gebrek aan respect en inspraak. “We worden systematisch geframed als graaiende profiteurs,” aldus Vanhoof. “Ondertussen proberen wij een zorgmodel overeind te houden dat piept en kraakt.”
En ze zijn niet alleen. Uit een peiling van Medi-Sfeer en De Specialist blijkt dat liefst 79 procent van de artsen bereid is om mee te stappen in een nationale staking. Huisartsen, specialisten, tandartsen – ze zijn het zat om als technocratische rekeneenheden behandeld te worden.
Wat betekent de staking voor de patiënt?
Voor wie zich afvraagt of een bezoekje aan de huisarts op 7 juli zin heeft: waarschijnlijk niet, tenzij het dringend is. Geen paniek, want spoedgevallen blijven uiteraard wél geholpen worden. Wie een gebroken arm heeft, hoeft geen pleister te komen halen op 8 juli. Maar voor routinecontroles, dermatologische navelpluisdiagnoses en andere niet-dringende consultaties: even geduld oefenen.
En die afspraak bij de specialist waar je al maanden naar aftelt? Die kan sneuvelen, al benadrukken de vakbonden dat alles op basis van urgentie zal verlopen. “We willen een krachtig signaal geven, maar niet de patiënt als gijzelaar nemen,” klinkt het. Al beseffen de artsen zelf ook dat ze nadien dubbele shiften zullen draaien om alles weer in te halen. Niet alleen de patiënt is de dupe, ook zijzelf.
Waarom 7 juli?
Een symbolische datum is het niet meteen. Wel een strategische. Begin juli zijn veel mensen met vakantie, de medische druk ligt wat lager, de agenda’s wat leger. “We willen de impact bewust beperken,” zegt Vanhoof. “Maar 7 juli ligt ook nog ver genoeg van ons af om de minister de kans te geven zijn koers te herzien. De deur staat nog op een kier – maar hij moet wel opengeduwd worden.”
De minister in zijn bunkermodus
Frank Vandenbroucke zelf blijft voorlopig stoïcijns onder de onvrede. Zijn kabinet liet weten dat ze alle opmerkingen verzamelen tegen de vergadering van het Riziv-verzekeringscomité op 23 juni. Daar moet het grote zorgoverleg officieel op gang komen. Vandenbroucke wil volgens zijn woordvoerders “een grondig en gestructureerd overleg” over de hervorming van de conventie, fraudeaanpak en budgetcontrole.
De minister erkent dat de ziekteverzekering onder druk staat, en dat hervormingen nodig zijn om de begroting tegen 2026 op koers te houden. Maar dat die hervormingen alleen maar via Excel en rekenmodellen kunnen worden doorgevoerd zonder de artsen mee aan tafel te zetten, dat nemen zij hem niet in dank af.
Diagnose: een acute vertrouwensbreuk
Waar dit eindigt? Moeilijk te zeggen. Als de regering voet bij stuk houdt en de artsen hun dreigement waarmaken, dreigt 7 juli een precedent te worden: de eerste grootschalige artsenstaking sinds 2001. Als er één beroepsgroep is die doorgaans liever doorwerkt dan protesteert, dan zijn het wel artsen. Maar ook zij hebben een grens. En die lijkt nu bereikt. De artsen zetten de scalpel op de polsslag van het overleg. Als de regering niet bijstuurt, riskeert ze dat het vertrouwen van de medische wereld – én de patiënt – langzaam maar zeker doodbloedt.
(Foto: Pixabay/Philip Reynaers / Photonews)