"Dit is de partijdemocratie op haar kleinzieligst: vriendjespolitiek in kostuum.”
In Aalter stonden de gemeentelijke loketten de voorbije maanden niet alleen symbool voor administratie, maar ook voor systematische uitsluiting. Niet-Belgen die zich wilden inschrijven in het bevolkingsregister werden maanden aan het lijntje gehouden — letterlijk negen keer langer dan Belgen. Het waarom werd geserveerden verplichte controle op de ‘woonkwaliteit’. En dat, zo blijkt nu zwart op wit, was compleet onwettelijk. Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Hilde Crevits (CD&V) veegt de verordening van tafel, maar laat burgemeester Pieter De Crem opvallend ongemoeid. Een tik op de vingers, met handschoenen aan.
"Woonkwaliteit" als alibi voor wachtdiscriminatie
De feiten zijn ondertussen ruimschoots bekend. Aalter - onder leiding van oud-federaal minister Pieter De Crem - had een eigen interpretatie van de inschrijvingsprocedure: Belgen mochten doorlopen, niet-Belgen kregen eerst een wooncontrole. Die controles sleepten aan, liepen soms maandenlang, en hadden desastreuze gevolgen voor mensen die simpelweg hun adres wilden aanpassen.
Het systeem werkte niet alleen traag, het werkte systematisch anders voor mensen zonder Belgische identiteitspapieren. Experts spraken van een ‘institutioneel discriminerend beleid’. En wie dacht dat dat overdreven was, kreeg 140 klachten als bewijs op tafel. Het gemeentebestuur hield de boot maandenlang af, tot de federale storm zich niet meer liet negeren. Toen Pano erover uitpakte, veranderde de toon. Eerste schepen Michael Ally (N-VA) kondigde plots hervormingen aan. “Het tij is gekeerd”, zo klonk het. Maar niemand had het over boetedoening — en burgemeester De Crem? Die hield het bij oorverdovende stilte.
Minister Crevits: ja aan recht, nee aan sanctie
Vlaams minister Crevits (CD&V) heeft nu geoordeeld: de verordening die woonstcontroles koppelde aan inschrijvingen in het bevolkingsregister is onwettig. Punt. En daar blijft het niet bij. Vier collegebesluiten die volgens Crevits steunen op die illegale verordening, worden met de natte spons gewist. En ze eist ook dat Aalter de hele regeling intrekt. Doen ze dat niet? Dan zwaait het dwangtoezicht.
Tot zover het goede nieuws voor de rechtsstaat. Maar, voor burgemeester De Crem zelf komt er — voorlopig — géén tuchtonderzoek. De CD&V houdt het liever bij voorzichtigheid en schuift de hete aardappel door naar Audit Vlaanderen en het parket. Pas na hun bevindingen — die ten vroegste in september verwacht worden — wil Crevits oordelen of er disciplinaire stappen tegen haar partijgenoot nodig zijn. Tot dan: geen sancties, geen schorsing, geen tijdelijke ontheffing van zijn ambt. “Vrolijke, vrolijke vrienden, dat zijn wij.”
Politiek met twee maten: “Hand boven het hoofd”
Dat laatste schiet bij oppositielid en Groen-kopstuk Mieke Schauvliege in het verkeerde keelgat. “De feiten zijn overduidelijk. 140 klachten. Structurele discriminatie. En toch geen sanctie? De Crem mag zijn beide handen kussen met zijn CD&V-lidkaart. Dit is de partijdemocratie op haar kleinzieligst: vriendjespolitiek in kostuum.”
Volgens Schauvliege is er sprake van een regelrechte doofpotoperatie. “Crevits keurt de praktijken onwettig, maar weigert haar collega-burgemeester zelfs tijdelijk op non-actief te zetten. Dit is niet ‘wachten op het onderzoek’, dit is politiek de hand boven het hoofd houden. Schaamteloos.”
Het is een terugkerend patroon, zegt ze. “Wanneer het over migratie, identiteit of ‘de juiste naam’ gaat, dan verandert de rechtsstaat plots in een rekbaar begrip. En blijkbaar geldt ‘zero tolerance’ alleen voor mensen zónder partijlidkaart.”
CD&V spartelt tussen juridische zuiverheid en politieke zelfbescherming
De partij van De Crem en Crevits bevindt zich intussen in een ongemakkelijke spreidstand. Aan de ene kant is het onhoudbaar om een gemeentelijke regeling te verdedigen die expliciet ongelijkheid organiseerde. Aan de andere kant is het lastig om een oud-minister — die nog steeds een invloedrijke CD&V-veteraan is — publiekelijk terecht te wijzen. Dus volgt de bekende tactiek: de structuur veroordelen, de poppetjes ontzien. Voorlopig.
Toch wekt de aarzeling vragen. Want als je een verordening vernietigt wegens discriminatie, maar de man die diezelfde verordening uitvoerde ongemoeid laat, wat zeg je dan eigenlijk? Dat racisme in het beleid kan bestaan zolang het juridisch wat krom is opgeschreven? Of dat lokale besturen gerust eigen regels mogen verzinnen zolang niemand hun telefoon afluistert?
Het echte oordeel valt na de zomer
Voorlopig verschuilt de minister zich achter het aankomende rapport van Audit Vlaanderen, en achter het lopende gerechtelijk onderzoek. Maar het debat is breder dan één burgemeester of één gemeente. Het gaat over het gemak waarmee beleidsmakers structurele ongelijkheid maskeren als ‘administratieve procedure’. En over de politieke onwil om dat probleem frontaal aan te pakken wanneer het uit de eigen rangen komt.
Eind augustus valt de beslissing. Dan weet Vlaanderen of De Crem effectief over de schreef is gegaan op een manier die meer vergt dan een symbolisch tikje op de vingers. Tot dan blijft de CD&V tussen haakjes moreel gelijk geven aan de wet, maar tegelijk gehoorzaam zwijgen over de rol van hun eigen man op het veld.
Aalter mag dan zijn verordening aanpassen — de echte test is of de Vlaamse regering ook bereid is om haar verantwoordelijkheden tot op het niveau van het ambt te nemen. En niet enkel tot aan de partijgrens.
(Foto: Didier Lebrun/ /Photo News)