Het aantal leerlingen met een niet-Nederlandse thuistaal in het Vlaamse onderwijs is de afgelopen tien jaar gestegen. Dit invloedrijke kenmerk bepaalt mede het sociale profiel van scholen.
In Vlaanderen is er een duidelijke trend zichtbaar: het aantal leerlingen met een niet-Nederlandse thuistaal neemt toe. Volgens recente cijfers van Statistiek Vlaanderen is er in het kleuteronderwijs een stijging van 21 procent in het schooljaar 2014-2015 naar 29 procent in 2024-2025. Ook het lager en secundair onderwijs tonen vergelijkbare toenames.
In het lager onderwijs steeg het percentage van 18 naar 28 procent in dezelfde periode, terwijl in het secundair onderwijs het percentage steeg van 13 naar 23 procent. Deze verschuivingen zijn significant omdat de thuistaal een van de criteria is die het sociale profiel van een school bepaalt. Dit profiel wordt verder beïnvloed door factoren zoals het aantal leerlingen met een schooltoeslag, het aantal kinderen uit wijken met een hoge mate van schoolse vertraging, en het opleidingsniveau van de moeder.
Deze trend heeft potentieel grote implicaties voor het onderwijsbeleid en de onderwijspraktijk, waarbij scholen mogelijk meer middelen moeten inzetten voor taalondersteuning en integratie. Het toenemende aantal leerlingen met een andere thuistaal dan Nederlands onderstreept de noodzaak voor voortdurende aandacht voor diversiteit en inclusie binnen het Vlaamse onderwijssysteem.