“Wie het recht in eigen handen neemt, is geen rechter maar dader.”
Hij verdacht zijn buurman van seksueel misbruik van zijn stiefzoontje en besloot zelf in te grijpen. Het resultaat: een man die voor de rest van zijn leven zwaar gehandicapt blijft en een dader die 17 jaar achter de tralies moet. Begrijpelijke woede is geen vrijgeleide voor eigenrichting.
De rechtbank van Namen heeft Gregory Lenoci (49) veroordeeld tot 17 jaar gevangenisstraf wegens poging tot moord op zijn buurman. Daarnaast kreeg hij tien jaar terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank en moet hij het slachtoffer 10.000 euro schadevergoeding betalen.
De aanleiding voor het geweld is bijzonder gevoelig. Lenoci was ervan overtuigd dat zijn buurman zijn zesjarige stiefzoontje seksueel had misbruikt. Die buurman was eerder veroordeeld voor seksueel misbruik van een kind en er liepen ook nieuwe klachten tegen hem. Het onderzoek naar het vermeende misbruik van Lenoci's stiefzoontje werd echter geseponeerd wegens gebrek aan bewijs.
Daar eindigt de taak van de burger en begint die van justitie.
Hij wist wat hij riskeerde
Lenoci maakte geen toevallige uitbarsting mee. Volgens het openbaar ministerie had hij zijn confrontatie met de buurman voorbereid.
Hij sprak enkele uren voor de feiten met zijn psychologe en zou hebben aangegeven dat hij een afspraak met zijn buurman had gemaakt en wist dat hij daarvoor mogelijk 20 tot 25 jaar gevangenisstraf zou krijgen.
Daarna lokte hij de man naar zijn woning.
Wat volgde was extreem geweld. Het slachtoffer werd zwaar toegetakeld en bewusteloos aangetroffen in een plas bloed. Lenoci belde uiteindelijk zelf de hulpdiensten en zei: “Ik denk dat hij doodgaat.”
De man overleefde de aanval, maar verkeert nog altijd in een semi-vegetatieve toestand. Hij kan niet communiceren, zelfstandig eten of bewegen en heeft permanente zorg nodig.
Woede is geen rechtspraak
Er is alle reden om bijzonder hard te reageren op seksueel misbruik van kinderen. Wie kinderen misbruikt, verdient een ernstige straf en een samenleving die slachtoffers beschermt.
Maar precies daarom bestaat er een rechtsstaat.
De verdenking van een misdrijf geeft niemand het recht om zelf rechter, jury én beul te spelen. Je kan het er niet mee eens zijn, maar dan ben je het niet eens met de beginselen van een rechtstaat, waar rechters in de rechtbank oordelen en straffen en dat niet overlaten aan de wraak van de straat.
Dat geldt ook wanneer de vermoedelijke dader in het verleden al veroordeeld werd. Het geldt ook wanneer nieuwe beschuldigingen bestaan. En het geldt zelfs wanneer een burger ervan overtuigd is dat justitie tekortschiet.
Van slachtoffer naar dader
Lenoci beweerde dat hij onder een “onweerstaanbare drang” had gehandeld. De rechtbank volgde die redenering niet.
Dat lijkt logisch. Wie een afspraak maakt, vooraf weet dat hij een zware gevangenisstraf riskeert, zijn slachtoffer naar zijn woning laat komen en vervolgens extreem geweld gebruikt, kan moeilijk beweren dat hij helemaal geen keuze had.
Ook sympathie ontslaat niemand van verantwoordelijkheid
De reacties rond/en in de rechtbank waren bijzonder heftig. Zowel binnen als buiten het gerechtsgebouw waren er mensen die hun steun aan Lenoci betuigden. In de rechtszaal liep de situatie zelfs zo hoog op dat Lenoci na zijn woede-uitbarsting moest worden verwijderd.
Dat iemand medeleven voelt met een man die meent dat een kind uit zijn omgeving is misbruikt, is begrijpelijk. Maar een rechtsstaat wordt niet sterker wanneer de luidste menigte bepaalt wie schuldig is. Hij wordt sterker wanneer ook in emotioneel geladen zaken de regels overeind blijven. Nja.
De boodschap moet duidelijk zijn
Wie seksueel misbruik pleegt, moet worden opgespoord, vervolgd en gestraft. Wie onterecht wordt beschuldigd, moet worden beschermd. En wie geweld gebruikt om zelf een vermeende schuld te bestraffen, moet eveneens voor de rechter verschijnen.
Dat zijn geen tegenstrijdigheden. Dat is - ook als je het daar niet mee eens bent - de rechtsstaat.
(Foto: screenshot X)